Black String hoogtepunt The Seoul Connection
Door op 20 september 2015

Band: Black String
Gig_title: Black String hoogtepunt The Seoul Connection
Genre: World
Loc_venue: Korzo Theater
Loc_city: Den Haag
Loc_country: Nederland

Op 18 september vond in het Haagse Korzo theater het eerste Korea Festival plaats onder de titel The Seoul Connection. Met optredens van Ji Park, Gamin en Black String. Zij hebben met elkaar gemeen dat ze de traditionele Koreaanse muziek mixen met moderne muziek uit het westen: van klassiek en jazz tot pop en rock. Het werd voor het publiek een kennismaking met de voor velen nog onbekende Koreaanse muziek en met totaal onbekende Koreaanse instrumenten.

Je kan rustig zeggen: Er ging een nieuwe muzikale wereld open maar door de onbekendheid met deze muziek wist je als toeschouwer niet altijd waar je naar luisterde en naar keek. De projecties op scherm bij Ji Park en Gamin veronderstelden een verband met de muziek maar dat was niet altijd zo duidelijk. Celliste Ji Park onderzocht in 9000 km haar leven dat zich afspeelt in Seoul en Parijs. Ze werd daarbij vergezeld door zanger/percussionist Hyun Ho Baek die zong in de Koreaanse Pansori traditie. Pansori, een one-man opera, werd zeer expressief gezongen door Hyun, spelend op een traditionele drum en op gongs. Ji Park versterkte haar klassieke cello spel met soundscapes. Het verband tussen muziek en de geprojecteerde beelden (zoals haar dat gewassen wordt, een portret, een bloedend gebit) was totaal niet duidelijk maar het kan ook zijn dat dit niet de bedoeling was. Heftige muzikale stukken werden afgewisseld met mellow ambient gedeeltes.

Ji Park’s optreden vond plaats in de grote zaal, het optreden van Gamin in de studio. Gamin liep de trap aan de zijkant van het podium af, spelend op een Koreaans blaasinstrument. Tijdens haar speciaal voor The Seoul Connection gemaakte Monologue bespeelde ze diverse intrigerende blaasinstrumenten met namen als piri, saenghwang en taepyongso. Deze voorstelling werd mede door de dans van de Japans/Nederlandse choreograaf Kenzo Kusuda zeer boeiend. Het schimmenspel met het bewegend silhouet van Kenzo was bijzonder. Drie dagen had Kenzo vooraf met Gamin gerepeteerd. Voeg daarbij de marimba klanken van June Moon Kyung Hahn; zo ontstond een poëtisch muzikaal bewegingstheater. Verstilde beelden contrasteerden met beelden van de zee en schuimende golven die leken te zijn opgewekt door Gamin’s spel op de blaasinstrumenten. Experiment en traditie werden mooi verenigd, net als bij Ji Park uitgevoerd in een traag ritme zodat van de toeschouwer veel geduld werd gevraagd.

Bij Black String in de grote zaal was het tempo aanvankelijk ook traag maar het samenspel van geomungo en daegum was al meteen zeer intrigerend. De geomungo, bespeeld door Yoon-jeung Heo, is een cither-achtig langgerekt Koreaans snaarinstrument waarop ze afwisselend met vingers en stokken speelde en daarmee diepe vibrerende klanken voortbracht die met geen westers snaarinstrument zijn te produceren. Het samenspel met Aram Lee op de bamboefluit, daeguem geheten, was heel bijzonder. Zangeres Kwon Soon Kan haalde daarbij enorm uit met traditionele vocalen, soms met een enorm explosief volume waarvan de trommelvliezen gingen trillen. Na een improvisatie voegden de Koreaanse jazzmusici Jean Oh (gitaar) en Dongjin Shin ( drums) zich bij hen en ontstond een opwindende Koreaanse fusion van traditionele muziek, jazz en rock die uitermate precies werd gespeeld. Met titels als Dangdangdang, Paris, Cross String en Seven Beats. Yoo-jeung Heo daagde het publiek uit bij de laatste de onderverdeling in  zeven tellen te achterhalen. Als percussionist ken ik de 7/8 uit de Balkan- en Arabische muziek maar dat paste niet. 1 2 12345 voldeed meer. Maar de weergaloze drummer veranderde regelmatig de accenten waardoor het moeilijk te volgen bleek. De tempoversnelling aan het slot van het optreden was fantastisch. Hardcore Koreaanse rock, deze benaming kwam bij me op. Het markeerde dit hoogtepunt van het eerste Korea Festival in Nederland.

Tussen de optredens door kon in Club Korzo ook nog gekeken worden naar de documentaire 9 Muses of Star Empire over een groep van negen Koreaanse meiden die worden klaargestoomd om met K-pop, de commerciële Koreaanse popmuziek, een wereldwijd commercieel succes te krijgen. Leuk om af en toe te zien maar weer een totaal andere wereld dan de mix van traditie en vernieuwing die de optredens lieten horen en zien. Voor het publiek was het goed geweest om via een demonstratie uitleg te krijgen over de Koreaanse muziektraditie en de specifieke instrumenten.