Steve Earle intrigeert publiek in intiem Effenaar
Door op 31 mei 2013

Band: Steve Earl & The Dukes
Loc_venue: Effenaar
Loc_city: Eindhoven
Loc_country: Nederland

Americanaheld Steve Earle toert momenteel met zijn Dukes en Duchesses de wereld over. Dat doen de Amerikanen in het teken van hun laatste album The Low Highway, opvolger van het in 2011 verschenen I’ll Never Get Out Of This World Alive. Je zou de tour kunnen zien als een ‘never ending tour’, aangezien de 58-jarige Earle per jaar nog steeds zo’n 200 optredens geeft. Eén ervan was op dinsdag 28 mei in de Eindhovense Effenaar, met in het voorprogramma The Mastersons.

Voordat Earle en zijn band het podium betreden, speelt voorprogramma Mastersons het publiek warm. Het duo Chris Masterson op gitaar/vocalen en violiste/zangeres Eleanor Whitmore blijkt een bijzonder geschikte opener voor deze avond. Al bij de eerste klanken weten we dat het duo geïnspireerd is door countrymuziek en americana. De twee zijn vers, fris, verliefd, getrouwd én jong. Naast het feit dat dit een hartverwarmend aanzicht is, vermaken zij het publiek volledig. Er is namelijk geen één oor die niet naar de Mastersons luistert. Een deugdelijke aansluiting op de hoofdact van vanavond dus.

Als Steve Earle met zijn bandleden het podium opkomt, is de Effenaar nog maar half gevuld. De ruimte is met verschillende doeken omgetoverd tot een zwarte doos. De perfecte ambiance voor een intiem luisterconcert. De bezoekers horen een band waarvan de leden erg goed op elkaar zijn ingespeeld. Van het getrouwde stel Whitmore en Masterson zou je dat misschien verwachten (zij kennen op het podium dan ook een solide en kloppend samenspel), maar ook bassist Kevin Looney en drummer Will Rigby zorgen voor een erg degelijke basis onder de vocalen van Earle. De band ziet er overigens wel vermoeid uit, maar weet ondanks dat de aandacht van het publiek goed vast te houden. The Dukes en Duchesses zijn dus een deugdelijke muzikale ondersteuning voor de typische vertellende zangstijl van de frontman. Zo horen we niet alleen een twaalfsnarige gitaar, toetsen en drums, maar ook contrabas, harmonica, mandoline, viool en een pedal steel op hoog niveau.

Steve Earle en co. beginnen mager, maar halverwege de avond komen nummers voorbij als Remember Me, Love’s Gonna Blow My Way, Galway Girl en de klassiekers Invisible, Guitar Town (waarmee Earle in 1986 doorbrak) en Copperhead Road. De ontspannen sfeer begint vanaf dat moment dan ook steeds aangenamer te worden. Tussen de nummers door vertelt Earle vermakelijke anekdotes over wanneer de nummers voor het eerst gespeeld en geschreven zijn. Dat maakt deze avond extra boeiend en aantrekkelijk voor het geïnteresseerde publiek. Het lukt de singer-songwriter zelfs om de menigte muisstil te krijgen wanneer hij speelt. Uiteraard krijgt hij een behoorlijk applaus na iedere nummer, maar al snel gaan de handen terug in de broekzakken omdat niemand in de zaal iets wil missen van wat Earle gaat vertellen of zingen. Dat is de sfeer van deze avond. Een waardevolle ervaring voor het publiek is het zeker, want Earle weet samen met zijn band het publiek te intrigeren, subtiel in te pakken en zo voldaan naar huis te sturen.