Michael Chapman – 50
Door op 24 januari 2017

Artiest: Michael Chapman
Album_title: 50
Genre: alternative, rock, roots
Release_date: 01/20/2017
Label: Paradise of Bachelors
Rating: Vier sterren (4)
Soundsid: 3600352
50 Michael Chapman
4
4

Michael Chapman is een 75-jarige Engelse vocalist en –gitarist die inmiddels al ruim 50 jaar muziek maakt. Zijn nieuwe album heet dan ook 50, een simpele en duidelijke naam voor dit werkstuk. Simpel en duidelijk zijn geen woorden die je normaliter linkt aan zijn muziek. Instrumentaal  klinkt deze complex en veelzijdig, met een hang naar blues, jazz, folk, Indiase raga, psychedelica, improvisatie en een beetje rock. Verschillende fingerpicking technieken en prachtig akoestische tonen worden afgewisseld met schurend elektrisch gitaargeweld. Vocaal klinkt Chapman al even zanderig , maar dat is altijd al zo geweest. Ondertussen het midden houdend tussen gevoelige ballads, countrydeuntjes, stemmige folksongs en soms zelfs een hang naar meer catchy refreintjes. De dualiteit tussen complex ritmische instrumentals, plots lange jams en intens gezongen liedjes maakt van zijn albums altijd een veelzijdige reis. Hoe kan het dat een man met zo’n lange loopbaan relatief onbekend is gebleven? Aan zijn lijst met connecties zal het niet liggen: met Mick Ronson werkte hij vroeg samen en tipte zodoende David Bowie over zijn talent, Rick Kemp speelde met hem voordat Steeleye Span was opgericht en zijn vriendschap met enigszins  gelijkgestemde (haha, gelijkgestemd, gitaarmuziek…hah) muzikant Bert Jansch gaat al ver terug.  Tel daarbij op dat er  een tribute album is uitgekomen met zijn muziek als thema, waarop mensen zoals Lucinda Williams en notabene noiserocker Thurston Moore zich vereerd voelden om hem te coveren.  Toch is deze man jarenlang onder de radar gebleven, met enkel een fanatieke aanhang fans. Het is te hopen dat die onterechte obscuriteit nu een beetje verdwijnt en hij de aandacht die hij al jaren geleden verdiende.

Dat zou nu zomaar eens kunnen lukken: Chapman noemt 50 zelf zijn “American Album”, want hoewel hij in het verleden al vaker flirtte met Amerikaanse rootsmuziek en zelfs Southern soul, nooit eerder nam hij er daadwerkelijk een album op. Nu schaart zanger- en gitarist Steve Gunn zich aan diens zijde, om dit album te produceren en mee te spelen. Uit de stal van het Paradise of Bachelors label – waar Gunn kind aan huis is – neemt hij onder andere Nathan Bowles en andere vrienden mee om een backing-band te vormen.  Zonder dat typerende Chapman-geluid te verliezen staat dit album vol gestructureerde liedjes, als gevolg klinkt dit album directer en beknopter dan ooit. Eigenlijk staan er maar een handjevol nieuwe tracks op, want een aantal is voor de gelegenheid opnieuw ingespeeld. Echt hinderen doet dit niet, want alles op duit album heeft een zelfde sfeer en toon.

Ondanks dit goed gestructureerde geluid heeft Chapman het stiekem toch weer voor elkaar gekregen zijn muziek een aantal verrassende richtingen op te sturen.  Allereerst is hij er in geslaagd een typische Amerikaans,  rootsy geluid te creëren, zoals al gelijk te horen valt in de bluegrass -achtige opener.  Het is de wereld van road trips, cafeetjes en hitte, vol dromen,  hoop en een vleugje verveling. Een dromerig en licht psychedelisch tintje valt te horen. Na de opener is het gedaan met de “pret” en duiken w steeds verder een desolaat landschap in, vol schurende gitaren en verbitterd donkere teksten. Prachtig akoestische fingerpicking spel  verlicht de sfeer zo af en toe, maar dat is maar schijn. Als de psychedelische gitaarsolo in The Mallard zich aankondigt voorspelt dat al niet veel goeds, maar in het bluesy Memphis in Winter krijgen we het zonder poespas voorgeschoteld: “they say that jesus saves. Haha, well, I’ve seen none of it out here. I see people with a hunger, I just see people with a fear” . Verslagenheid klinkt vervolgens door in The Prospector, dat muzikaal klinkt als een zandstorm vol gitaarsolo’s met een trieste ondertoon. ““It’s that time of night, when nothing seems to turn out right.”, klinkt het vervolgens in That Time of Night. Het is tekenend voor dit album dat het alsnog één van de meer luchtige teksten is die je hier zult vinden.  Een speciale vermelding is er nog voor het sfeervolle instrumentaaltje Rosh Pina, dat hier een buitenbeentje is, maar wel precies laat horen wat er zo bijzonder is aan zijn instrumentale liedjes.

Zo dient 50 als goede instapper voor hen die deze bijzondere muzikant niet kennen, maar geeft het wel een vertekend beeld van iemand die doorgaans veel onvoorspelbaarder en meer veelzijdig te werk gaat. Hij levert hier een goed, lekker desolaat Amerikaans roots album af, als Engelsman nota bene.

Tracklisting 50:

  1. A Spanish Incident (Ramón and Durango)
  2. Sometimes You Just Drive
  3. The Mallard
  4. Memphis in Winter
  5. The Prospector
  6. Falling from Grace
  7. Money Trouble
  8. That Time of Night
  9. Rosh Pina
  10. Navigation