Magistraal afsluitend luik met onvervalste zwarte blues
Door op 20 juli 2016

Gig_title: Blues Peer
Loc_city: Peer
Loc_country: België

Weerom ideaal festivalweer op dag drie komen liefhebbers van de oorspronkelijke, zwarte bluestraditie  aan hun trekken met pioniers van het genre als Taj Mahal en Buddy Guy. Als aanloop naar dat authentieke luik komt naast de Oostenrijkse zangeres Meena Cryle die enkele jaren geleden  als onderdeel van de Bluescaravan in onze contreien toerde aan de beurt. We pikken nog net een stukje van het van het concert van Mojo Man mee. Het ambitieuze project van zanger gitarist Marcel Duprix en Reiner Zervaas op tenorsax overtuigt met een broeierige melange van funk en blues. Opvallend veel ruimte voor de swingende blazerssectie, soms iets teveel en wat overladen, je wordt er in ieder geval meteen wakker van, ook na een lange vermoeiende festivalnacht.

Mojo Man

De benadering van JP Soars is minstens even avontuurlijk, met soepele snarenritmiek pendelt de man uit Florida van complexe jazzstructuren naar gypsyswing en stevige rock hij wordt daarbij prima geassisteerd door The Red Hots met ritmische interventies van Steve Laudicina, een ware meester op de Telecaster. Het gezelschap laveert van melodieuze West Coast naar ruig rockend werk op een primitieve, tweesnarige cigarbox gitaar. Helaas is Soars niet bepaald een fantastische zanger.

JP SoarsWalter Trout

Dat laatste kunnen we ook van Walter Trout zeggen. De gitaarbeul met een rijke voorgeschiedenis bij Canned Heat en John Mayall’s Bluesbreakers werd in de vroege jaren negentig het boegbeeld van een nieuwe generatie bluesrockers die hardnekkig bij een decibelrijke aanpak zweert. Trout is letterlijk een survivor, hij overleefde ternauwernood een levertransplantatie en na een lange herstelperiode staat hij zowaar terug op het podium. Zijn aanpak is nog even rudimentair als weleer, lang uitgesponnen gierend gitaargepiel en tussendoor meer roepen dan zingen, ”I’m Back”, vangen we op veilige afstand op, inderdaad. Het oudere nummer Say Goodbye to the blues wordt  voor de gelegenheid aan BB King opgedragen. Trout draagt de ‘battle scars’ die hij onderweg opliep met trots en nodigt enkele gasten uit op het podium zoals zijn zoon die blijkbaar de gitaarmicrobe overerfde. Een ongenuanceerde, stevige set maar de oude hondstrouwe fans zijn al tevreden om hun geliefde bluesrocker, die met Going Down afsluit, nog eens op een podium  te kunnen begroeten.

Taj MahalZo komen we stilaan bij de oudere bluesveteranen, Taj Mahal is in 1942 bij de burgelijke stand van het New Yorkse Harlem ingeschreven Als Henry St. Claire Fredericks Jr. Overgewicht speelt Taj parten en hij is de laatste tijd wat minder mobiel geworden. De set wordt zittend op een krukje afgewerkt, het snarenarsenaal gitaar, national steel, banjo en zijn’ little baby’, de ukelele binnen handbereik. Gelukkig is de fingerpicking-capaciteit nog nagenoeg intact gebleven. Het wordt een exotisch getinte set die verder reikt dan de gebruikelijke Afro-Amerikaanse toestanden, geschraagd door zijn vaste ritmesectie. De grijzende brombeer verwerkte altijd al minder evidente invloeden in zijn blues en dat is nu niet anders. In de gevarieerde bloemlezing die we voorgeschoteld krijgen herkennen we naast het traditionele Good morning Little Schoolgirl en CC Rider, de verhalen  uit de beginperiode Good Morning Miss Brown, het dartele Honey Bee, het nog altijd magistrale Going Up The country, Paint My Mailbox Blue. Als de laatste tonen van Lovin’ My Baby’s Eyes uitgestorven zijn weten we het zeker Taj Mahal heeft nog altijd iets te vertellen.

Nog opmerkelijker, Buddy Guy, de ouderdomsdeken van deze editie, de man wordt volgende week tachtig. Nu met het recente heengaan van BB alle Kings van het bluestoneel verdwenen zijn is hij zowat de enige overblijvende van een grootse bluesdynastie die iconen als Muddy Waters herbergt.Buddy Guy

Met zijn petje en bolletjeshemd oogt Guy niet alleen energiek. Op zijn onnavolgbare gitaarverrichtingen, achter zijn rug of in zowat alle andere onmogelijke standjes bepotelen, zit nauwelijks sleet, op zijn schrille uithalen evenmin. Vanuit Chicago toonde hij de weg aan Eric Clapton, Jeff Beck en talloze anderen. Het gebruikelijke uitstapje tussen het publiek mag uiteraard niet ontbreken en de krasse knar neemt uitgebreid zijn tijd. Maar eigenlijk heeft de ’last man standing of the blues’ die gimmicks niet nodig. Tijdens zijn dynamische set vertelt hij het met treffende muzikale flarden de geschiedenis van de blues en R&B.

Een bekroning van een sterke editie waarbij we slechts een enkele suggestie voor de overigens vlekkeloze organisatie hebben: volgend jaar graag een beetje minder gitaargeweld en meer echt sterke vocalisten op het podium. De weliswaar spetterende set rockabilly van de officiële hekkensluiter Brian Setzer hoefde niet echt na al dit fraais.

Foto’s: Philip Verhaege