Wende: Nieuwsgierigheid als baken naar het onbekende…
Door op 11 december 2014

Artiest: Wende Snijders
Album_title: Last Resistance The Theatre Sessions Live
By: Marcel Hartenberg
Date: 11/11/2014
Label: Tathata Music

Wende SnijdersIn de zomer van dit jaar speelde Wende met Het Gelders Orkest in het Openluchttheater De Goffert in Nijmegen. Dat was een show waarin veel nummers van Wende’s album werden gebracht. Een sprankelende combinatie van de muziek van Wende en een zeer geslaagde samenwerking met Het Gelders Orkest; een samenwerking die muzikaal gezien zeer sterk uitpakte. En nu is er een nieuwe tour en een nieuw live album. We spraken met Wende over Last Resistance en de verschillende verschijningsvormen ervan. Wende nam ‘Last Resistance’ nog een keer mee op tour en bracht zalen in vervoering met kracht en kwetsbaarheid in één persoon. Nu leidt nieuwsgierigheid je als interviewer, maar het belang van nieuwsgierigheid is voor Wende belangrijker nog.

WiM: Goedemiddag Wende. Dank je wel voor de tijd die je neemt om met ons van Written in Music te praten. Allereerst complimenten voor een geslaagd live album. Ik heb gelukkig een van je optredens met Het Gelders Orkest mogen meemaken; alhoewel dat een andere muzikale begeleiding kende, is het met het album goed gelukt de energie en intensiteit van je live optredens te vangen; die was immers ook duidelijk bij het optreden met Het Gelders Orkest. Hoe kijk je er op terug en hoe heb je je erop voorbereid?
Ik kijk erop terug met intens veel plezier en als een geslaagd experiment om klassieke muziek, elektronische muziek en theater bij elkaar te brengen. Het was mijn bedoeling er echt een theaterconcert van te maken. Voor mij is dat het thema van de show bepalen, dat thema centraal stellen en dan zoeken in hoeverre alle theatrale onderdelen van de show meewerken zoals het licht, geluid, kostuums, de nummers en de opeenvolging van nummers om dat thema over het voetlicht te krijgen.

De nummers staan allemaal in dienst van dat thema. En de nummers staan in een bepaalde verhouding ten opzichte van elkaar. Voor deze optredens betekende dat het samenvoegen van nummers van ‘Last Resistance’ met nummers die gaan over strijdbaarheid en wat het betekent om door te zetten. Die optredens stonden in het teken van 125 jaar bestaan van Het Gelders Orkest. Ik vroeg me af wat het betekent om 125 jaar een orkest te zijn. Dat vraagt om zowel doorzettingsvermogen als liefde voor het vak en voor de muziek. Daarin vond ik een verbinding met hoe ik zelf in het vak sta. Ik ben zelf klassiek geschoold en opgeleid als performer en heb uiteindelijk mijn eigen materiaal geschreven in de traditie van de popmuziek en elektronische muziek en ik probeer altijd theater te maken. Dus die viering van de strijdbaarheid en dat doorzetten kwamen allemaal samen in dat concert.

WiM: Je bent daarin geslaagd in de optredens met Het Gelders Orkest. Je zegt heel nadrukkelijk: ik probeer altijd theater te maken. Wat is voor jou daar de essentie van?
Je geeft vorm aan een verhaal. In een verhaal zit altijd een conflict is verweven. Je onderzoekt een vraag (in dit geval: wat betekent strijdbaarheid?) en benadert dat op het podium op een poëtische manier. Daarin spelen de arrangementen, het licht, de sound van de muziek, het repertoire alle een rol in het totale plaatje van het verhaal om zowel dat verhaal als het conflict tot uitbeelding te brengen in 80 of 90 minuten.

WiM: Op mij had de avond een heel inspirerende werking. Het was genieten van de visuele vormgeving, van de muziek en van de durf waarmee jij dit alles bent aangegaan, zoveel stappen na je chansons. De intensiteit van je show straalt van je af. Er zitten veel kleine momenten van afstemming in tussen jou, je bandleden en, zoals ik destijds in de Goffert mocht zien, met Het Gelders Orkest.
Voor mij geldt heel nadrukkelijk dat we samen die voorstelling neerzetten. Het is niet de band en ik of de band en het orkest. We zijn samen één team dat de voorstelling maakt. Zelfs met geluid- en lichtvormgeving werken we allemaal samen. We zetten juist één geheel neer.

WiM: In het optreden met Het Gelders Orkest werd dat heel erg duidelijk. Je gebruikte praktisch het hele podium en wist, bij het voorstellen van het Orkest, alle mensen bij hun namen te noemen. Heel bijzonder want het was meer dan een kleine bezetting van Het Gelders Orkest. De vraag is wel hoe zorg je ervoor dat in die timing, in die samenwerking zo’n intense afstemming tot stand komt en dat die lukt?
Je moet met elkaar echt weten waar je het samen over hebt. Er moet een gezamenlijke visie zijn naar het publiek toe. De focus dat je met elkaar een team wordt, stond centraal tijdens de repetitiedagen. Daar zetten we dus ook echt op in.

WiM: In de optredens met Het Gelders Orkest waren de arrangementen van je nummers sprankelender dan veel bewerkingen van moderne muziek in uitvoering met een orkest. Ze sloten naadloos aan op jouw muziek; het was heel natuurlijk. Hoe zijn de arrangementen tot stand gekomen?
We hebben eerst als artistiek team het repertoire gekozen naar aanleiding van het 125 jaar bestaan. Dan heb ik het over die strijdbaarheid en viering. Voor mij was het een grote wens om de arrangementen zo op te pakken dat ook in die arrangementen nadrukkelijk de beleving van eenheid zat. Klassieke muziek die samenkomt met popmuziek. Dat vraagt om arrangeurs die met het ene been in de klassieke muziek staan en met het andere been in de pop- of jazzgerelateerde hoek. Zowel Marijn van Prooijen, Joost van den Broek, Dante Boon als Nils Tegen kunnen dat. Zo zijn de stukken gearrangeerd en dat heeft echt gezorgd voor het gevoel van eenheid.

WiM: Hoe ging je om met de stap weer terug naar bandformaat? Hoe belangrijk was daarbij juist de samenwerking met de drie bandleden? Natuurlijk is het getalsmatig een groot verschil tussen 50 orkestleden op een podium of 4 samen op een podium. Maar in de kern is het vraagstuk of de uitdaging er achter hetzelfde: concentratie en focus. En het gaat over de visie op de muziek die je brengt en de visie die je dus moet delen. Als je het vergelijkt: met een orkest is het alsof je een olifant een duurloop in stuurt, met een band kun je veel meer sprintjes laten trekken. Maar in beide gevallen kost het, dat leert de praktijk, veel tijd om tot het gewenste resultaat te komen.

Wende SnijdersWiM: Het valt op dat de nummers van het album, ‘Last Resistance’ in The Theatre Sessions’, door de manier waarop jij zingt en waar op de muziek gespeeld wordt, aan zeggingskracht en urgentie heeft gewonnen. Dat is bijzonder als je weet dat het album met de studioversies daar al behoorlijk in voorzag. Hoe ben je erin geslaagd die urgentie voor elkaar te krijgen?
We hebben het album in 3 verschillende uitvoeringen live gebracht. Het eerste was in kleine clubs met ‘The Naked Sessions’, daarna ‘The Berlin Sessions’ in grote clubs, ‘The Theatre Sessions’ tot slot waren in de theaters. Elke ruimte vroeg om een ander soort arrangement. Je communiceert immers steeds anders bij de verschillende soorten podia. We hebben dus heel veel met de nummers gestoeid om ze steeds op de juiste wijze over te laten komen bij zowel de kleine zalen, de grote zalen en uiteindelijk de theaters. We hadden voor dat laatste veel varianten die we konden uitproberen. De versies die je hoort op ‘The Theatre Sessions’ passen het beste in het theater. En ja, als je kijkt naar hoe dat gebeurt, dan kan het niet anders dan dat dat met urgentie is. Hoe zou dat anders kunnen? Die urgentie hoor je wel aan deze uitvoeringen. Bij een audio-opname als deze is het de vraag of je exact de dynamiek van de show vangt, die kun je wellicht alleen live ervaren, maar de urgentie vind je zeker ook terug in deze opnames.

WiM: Hoe kijk je terug op wat de gehele tour van ‘Last Resistance’ je gebracht heeft?
Wow, moeilijke vraag. Het heeft me gebracht dat ik zie dat ik een maker ben van shows, meer nog dan van liedjes. Ik gebruik de liedjes om tot een verhaal te komen. En ik ben iemand die graag het experiment met entertainment vermengt. Ik zoek grenzen op en grenzen verleggen en houd ook van entertainment. Ik wil iemand zijn die zowel in clubs kan spelen als in theaters. En ik vind dat onderzoeken waanzinnig interessant. Ik kom er achter dat die combinatie tussen orkesten en het theater en die elektronica iets is wat ik verder wil onderzoeken.

WiM: Wat was de grootste verrassing die je tijdens de tour hebt ervaren?
Niet zozeer een verrassing als wel een les, denk ik. Stop nooit met onderzoeken ook al weet je niet waar het waar naar toe gaat. Ik vond het best lastig om de verschillende muzieksoorten te combineren. En het vroeg dus risico’s nemen en grenzen opzoeken om daarin een weg te vinden. Dat voelde niet altijd comfortabel. Dus ja, stop niet als je je oncomfortabel voelt, zou ik willen zeggen. Probeer door te zoeken. Als je dat met een goed team doet, kom je er samen sterk uit.

WiM: Wat kunnen we hierna verwachten? Orkest met elektronica?
Ja, ik wil wel meer met orkesten werken, hun klassieke achtergrond en daarnaast mijn manier van liedjes maken, liedjes vertellen en dat vermenen met pop of elektronica.

WiM: Je bent er niet bang voor dat met iemand als Joost van den Broek op de achtergrond erbij de progressieve rock dan teveel naar de voorgrond komt?
Hij kent me heel goed en weet wat ik mooi vind en wat niet en wat bij mijn past en wat niet. We werkten ook samen aan de No.9 tour en we leerden dus goed met elkaar samenwerken. Joost speelt goed in op wat mijn beleving is; hij is van heel veel markten thuis.

WiM: Wat zou je zeggen over jezelf als je je eigen Wikipedia-omschrijving zou schrijven?
Ik ben een performer en theatermaker die een brug slaat tussen theater, klassieke muziek en elektronische pop in een show. Ik voeg alle theatrale en muzikale elementen samen die eraan bijdragen het thema van een voorstelling, het verhaal, over te brengen. Onderwerpen zijn leven, liefde, dood en de eenzaamheid.

WiM: Belangrijk bij de optredens van ‘Last Resistance’ was zeker ook het visueel aspect. De combinatie van jouw muziek, de beelden die je vertoont, de werking van het licht en donker en jouw bewegen op het podium maken dat je, zelfs zonder geluid, gefascineerd naar een optreden van jou kunt kijken. Het verbaast me dan ook dat er (nog) geen dvd of blueray verscheen en juist enkel een geluidsregistratie. Wat kun je daarover zeggen?
We hebben er naar gekeken of het mogelijk was deze show goed in beeld te brengen. Dat lukte best een heel eind voor wat betreft losse nummers. De show in zijn geheel komt echter alleen over als je die live ziet; dat lukt niet met een dvd of bluray van deze tour. Met wat ik aan kwaliteit wil afleveren, kies ik er dan niet voor de show met een dvd of blurauy vast te leggen. Ik vind het niet fijn een product af te leveren waar ik niet tevreden over ben. Als je de Carréshow van No.9 neemt, dan lukte de beeldweergave op de een of andere manier goed. Bij deze tour ging het echt om de ervaring van de shows.

Wende SnijdersWiM: Donker en licht; het innerlijke leven van de mens, het leven zoals het is. Je gebruikt al verschillende uitingsvormen zoals ook het schilderen. In hoeverre kunnen we misschien ook nog wel eens een boek of een film van je verwachten? Misschien anders, wat maakt dat jij jezelf blijft vernieuwen?
Dat is omdat ik nieuwsgierig ben. Ik neem mijn nieuwsgierigheid serieus en blijf graag ontdekken. Ervaringen kunnen pijn doen, maar desondanks de nieuwsgierigheid hoog blijven houden, dat is mijn streven. Dat kan ook leiden tot nieuwe uitingsvormen. Voor mij is de standaard om datgene wat ik zie, wat ik meemaak om dat op poëtische manier door te geven. Dat kan via muziek zijn en theater, dat is vooral mijn manier. Ik kan me we wel voorstellen dat ik me ook wel eens op een andere manier zal willen uiten als dat beter past. Vooralsnog concentreer ik me op muziek en theater.

WiM: Tom Waits, zo bleek uit een kort interview dat je deed voor het programma van Eva Jinek, wilde je graag in de zaal bij concerten. Met wie zou jij graag nog eens willen optreden? En waarom?
Met Stromae zou ik willen optreden. Lijkt me fantastisch om met hem een nummer te schrijven. Nick Cave zou ik fantastisch vinden. Ik vind de literaire waarde van zijn muziek erg groot. Ik zou willen samenwerken met Alain Platel, een choreograaf. En ik zou het fantastisch vinden om samen te werken met Banksy. Ik vind zijn kunst zo raak en binnen het engagement erg geestig. Dat werk heeft ook zeker een theatrale waarde. Ik zou nog niet weten hoe die samenwerking eruit zou zien. Ik zou het wel willen onderzoeken.

WiM: Artiesten die dus ook wel werken met het contrast tussen donker en licht in hun werk. Is dat dan de sleutel waar je voor warm loopt?
Het zit niet zozeer in de afwisseling van donker en licht. Daar speelt Marco Borsato ook mee; is eigenlijk gewoon een algemeen onderwerp in de kunst. Ik vind de verbinding meer in de signatuur die ze hebben en in hun authenticiteit en originaliteit van hun werk.

WiM: In interviews heb je het over het buitenland dat je graag wilt veroveren. Hoe kijk je naar Nederland in dat perspectief; in hoeverre heb je hier je droom kunnen waarmaken?
Die droom is nooit klaar. Hier ben ik geworteld. Ik zou het buitenland graag veroveren om met buitenlandse mensen samen te werken, buitenlandse omgevingen op te treden en om het publiek te ontmoeten. Dat lijkt me gewoon een avontuur.

WiM: Je sprak eerder ook met Chris Frantz (Talking Heads, Tom Tom Club). In hoeverre krijgt zo’n gesprek nog internationaal dan een vervolg?
Ik heb dat toen zeker niet verder nagejaagd maar ik ben nu wel lijnen aan het uitzetten voor samenwerking. Daar kan ik nog niets over zeggen nu; dat is veel te prematuur.

WiM: Ik begrijp dat vanaf begin volgend jaar de Winterreise wachten. Wat kun je daarover vertellen?
Ik heb de première gespeeld op 16 mei. Het is een liederencyclus oorspronkelijk van Schubert die nu bewerkt is door Boudewijn Tarenskeen. Hij heeft daarbij een performer, namelijk mij, in gedachten genomen, in tegenstelling tot een operazanger of zangeres. Gerard Bouwhuis is de pianist. Het is een traditiekritisch stuk dat Boudewijn Tarenskeen met de nodige vragen omgeeft. In januari spelen we dat nog 14 keren door het hele land. Het was moeilijk in te studeren. Ik heb er mijn eigen draai aan kunnen geven. Met de hulp van Dante Boon en het vertrouwen van zowel Boudewijn Tarenskeen als Gerard Bouwhuis is het gelukt. Op mijn manier.

WiM: Dus een blik op de nabije toekomst leert ons nog elf optredens voor ‘The Theatre Sessions’, in januari ‘Winterreise’ en dan?
In juni ga ik nog een aantal shows met Het Gelders Orkest spelen. Ik ben bezig met het schrijven van een nieuw album en ik heb in een film gespeeld van Sacha Polak. Die komt uit in februari 2015.

WiM: Veel Wende dus in 2015?
(Lacht) Maak je borst maar nat…

WiM: Waarmee ik door mijn vragen heen lijk te zijn. Hartelijk dank voor je tijd. En succes met alles!
Dank je wel, fijne dag!

Foto’s: Sandor Lubbe (1 & 3), Charlona Teerlink (2)