Wagner’s Parsifal in het Muziektheater
Door op 19 juni 2012

Gig_title: Parsifal
Genre: opera, Klassiek
Loc_venue: Muziektheater
Loc_city: Amsterdam

Parsifal is de laatste opera die Richard Wagner gecomponeerd heeft. Het is ook de laatste opera van het seizoen 2011-2012 van De Nederlandse Opera. Het werk wordt zoals gebruikelijk uitgevoerd in het Muziektheater in Amsterdam. De wereldberoemde regisseur Pierre Audi heeft samen met de kunstenaar Anish Kapoor het decor en de enscenering verzorgd. Iván Fischer dirigeert het Koninklijk Concertgebouworkest tijdens de negen voorstellingen en uiteraard is het Koor Van De Nederlandse Opera wederom van de partij.

Parsifal gaat over de gelijknamige graalsridder. Hij is opgegroeid in een afgeschermde omgeving en daarom onschuldig en behoorlijk naïef. Hij komt in contact met Amfortas, de koning die gewond is geraakt door de speer van Longinus en wiens wond maar niet helen wil. Amfortas is de bezitter van de heilige graal en hij had ook de speer, maar die is gestolen door Klingsor. Klingsor stuurt Kundry op Parsifal af als deze de speer komt halen. Door haar betoverende kus verliest hij zijn onschuld. Parsifal verovert de speer en brengt deze naar Amfortas. Hiermee kan hij uit zijn lijden verlost worden.

De solisten zijn allen geschoolde Wagner-zangers met ervaring in Bayreuth. Petra Lang speelt een overtuigende Kundry; ze is sterk, maar erg afstandelijk. Ze is geen verleidelijke vrouw, maar erg dierlijk en wild. Amfortas is ziek, gekweld en strompelt over het podium als een verloren ziel in Dante’s inferno. Alejandro Marco-Buhrmester acteert erg overtuigend, maar zijn zang is niet zo erg sterk. Christopher Ventris is een passende zanger voor de rol van Parsifal. Zijn belangrijke moment komt wanneer Kundry hem kust; de transformatie die deze zanger met zijn stem teweeg brengt in zijn karakter is overweldigend. Falk Struckmann is een zeer consistente Gurnemanz. Zijn rol neemt een centrale plaats in het verhaal in en hij vervult deze op een degelijke manier. Mikhail Petrenko is een erg spannende Klingsor. Zijn interpretatie is vervreemdend en op die manier zeer magisch.

Het oplettende publiek had in verschillende publicaties kunnen lezen dat Iván Fischer een heel eigen kijk heeft op de muziek van Parsifal. Met een onbeschaamde lichtheid dirigeerde hij het KCO door de partituur. Het leek welhaast de muziek van Wagner niet meer en dat zorgde voor een heel vreemd effect. Waar violen zouden moeten aanzwellen gebeurde eigenlijk iets minuscuuls. Zijn interpretatie was boeiend en interessant, maar zorgde voor een onbevredigend gevoel. Mijn waardering gaat uit naar het Koor Van De Nederlandse Opera; dit zong zijn partijen zo warm en vol emotie dat ik er een brok van in mijn keel kreeg. Een zeer overweldigende prestatie van het koor en zijn dirigent Martin Wright.

Maar wat voor de meeste impact zorgde waren toch de enscenering en het decor. De kracht zat hem vooral in de eenvoud en de reinheid. Deze elementen zorgden ervoor dat de creativiteit van deze kunstvorm goed tot zijn recht kwam. Ieder van ons in het publiek kreeg de mogelijkheid om zelf invulling te geven aan deze opera. We werden als het ware een deel van het geheel, we kregen de mogelijkheid om zelf te participeren. En dat is een enorme prestatie. Als kunst je zo kan bewegen en aanzetten tot eigen inbreng is het hoogste bereikt: kunst op alle vlakken.