The Nits: gelauwerd
Door op 07 juni 2011

Deel 16 in de reeks Postpunk Nederland, een serie artikelen over interessante Nederlandse bands die opkwamen na de punkgolf van 1977, 1978. Eigenzinnige, vaak ondergewaardeerde bands die blijvend applaus verdienen. Deze week het tweede deel over The Nits.

Nits2-artikelVoor de opvolger van het succesvolle album Omsk halen The Nits in 1984 niemand minder dan Jaap Eggermont binnen, ex-drummer van Golden Earrings en als producer bekend van onder meer Earth & Fire, Sandy Coast, Spooky & Sue en Long Tall Ernie & The Shakers. Zijn grootste succes is echter het nog vers in het geheugen liggende hitproject Stars On 45.

Een opvallende keuze derhalve, alhoewel het vakmanschap van Eggermont buiten kijf staat. Het resultaat van de samenwerking blijkt een goed klinkende plaat die naar Nits-maatstaven wel wat ‘glimt’ en ook relatief groots klinkt. Poor Man’s Pound, een nummer van Stips over sociale ongelijkheid, laat een majestueuze piano en een groot geluid horen. Opener Woman Cactus is eveneens illustratief: een catchy liefdeslied vol vertwijfeling dat duidelijk door producershanden is gegaan. Ook Think It Over is duidelijk voorzien van een groter, radiovriendelijker geluid. Een leuk popnummer, gekleurd door (ska)blazers, het orgel van Stips en de duozang van Hofstede en Pieters. The Infant King van Michiel Pieters is een kunststukje met mooie tekstuele vondsten, fragmentarisch ondersteund door bas en drums. Het sfeervolle, archetypische Ballroom Of Romance, aan het einde van de plaat, kent nog een rol toe aan Frank Boeijen.

Adieu Sweet BahnhofOndanks het wat commerciële geluid kiest de band wat de drie singles betreft (achteraf) niet voor de gemakkelijkste weg: Mask is toegankelijk, wederom ‘groots’ maar of het een 100% single is, is de vraag. De band voorziet het nummer overigens van een fraaie zwart-witclip, compleet met blaasorkest en molens. Vah Hollanda Seni Seni verhaalt van een migrantengezin. Een actueel gegeven, maar wederom lijkt het muzikaal geen logische singlekeuze, al is het streven van The Nits om de singlemarkt niet slechts bubblegum te voeren lovenswaardig. Het titelnummer Adieu, Sweet Bahnhof is een prachtig, akoestisch en continentaal getint nummer waarin – niet voor de laatste keer – treinreizen een rol spelen. Een zwierige single, mede dankzij Stips’ accordeon. Wederom geen instanthit, maar een verrijking voor Hilversum 3.

Pas op de plaats?

Hoewel Adieu, Sweet Bahnhof niet onverdeeld positief wordt ontvangen door pers en publiek, heeft het album dus best het nodige te bieden. Het mag echter niet baten: de plaat verkoopt minder dan voorgangers Omsk en Kilo, en dat waren de enige Nitsplaten tot dusver die de elpeelijsten überhaupt wisten te bereiken. Qua verkopen maakt de band medio jaren tachtig dus duidelijk een pas op de plaats. In het buitenland gaat het nog steeds goed in deze jaren. In Lausanne bijvoorbeeld spelen The Nits op een avond in een grote en uitverkochte zaal, terwijl Elvis Costello het verderop in de stad moet stellen met zevenhonderd bezoekers. Ook in Frankrijk en Finland blijft het Nederlandse kwartet populair halverwege de jaren tachtig.

Voor Michiel Peters is tijd om het over een andere boeg te gooien en ook aan zijn maatschappelijke carrière te denken. Hij stapt uit de band. Een aderlating, zoveel is wel duidelijk. The Nits gaan als trio verder: Henk Hofstede, Robert Jan Stips en Rob Kloet. Voor de nieuwe plaat werkt het trio samen met Joke Geraets op bas. Petra Lugtenburg zal de achtergrondvocalen voor haar rekening nemen. In februari 1986 werkt de band in de eigen Werf-studio aan het album. Het is alweer de zevende plaat van The Nits zal zijn. Het eindresultaat wordt Henk gedoopt en de plaat wordt gestoken in een bijzonder fotomontage waarop de hoofden van Hofstede, Kloet en Stips samensmelten.

HenkIn een heldere, wat mechanische productie trekt een kleurrijke parade aan songs van wisselend niveau voorbij. De A-kant van Henk opent uitstekend met Bike In Head waarin fietsbellen, percussie en synths een fijn en kleurrijk werkstukje optrekken. Duidelijk is dat Petra Lugtenburgs zang de muziek op de juiste manier aanvult. Het theatrale en stampende Port Of Amsterdam is een ander hoogtepunt, net als de wat naar country neigende songs Typist Of Candy en het bijzonder mooie, schilderachtige Home Before Dark een nummer dat geïnspireerd lijkt te zijn door de schilderijen van Edward Hopper.

Ook op Henk putten The Nits uit hun culturele bagage. Op Sleep wordt Goethe geciteerd: “Wer reitet so spät durch Nacht und Wind? Es ist der Vater mit seinem Kind”. Samples en synths spelen een grote rol: het vocale intro van Pillow Talk komt uit de toetsen van Robert Jan Stips en het bij vlagen betoverende Under A Canoe vaart wel dankzij diezelfde Stips. Toch houdt de band het qua composities over het algemeen vrij simpel. De wat makkelijke maar catchy single Cabins is relatief conventioneel en Erom On (No More) is vinnig en jachtig maar ook recht door zee. Crane Driver moet het voornamelijk hebben van de beelden die het oproept en het instrumentale 5 Hammering Men is een leuke afsluiter die zowel mechanisch als melodisch is. Maar bovenal blinkt het nummer uit door ruimte, rechtlijnigheid en eenvoud. Kort door de bocht gesteld: het betere knip en plakwerk.

De doorbraakplaat

In The Dutch MountainsJoke Geraets is definitief tot de band toegetreden en in de zomer van 1987 neemt het kwartet in hun eigen oefenruimte een nieuw album op. Na de studioplaat Henk besluit de band het nu over een andere boeg te gooien en alles in een keer live op te nemen, lekker ontspannen en instinctief. Het idee is om het gevoel van een Nits-concert te vangen en over te brengen. Een gedurfde zet, die echter prima uitpakt.

In The Dutch Mountains blijkt een nieuw hoogtepunt in het oeuvre van The Nits en – meer nog dan Omsk – een doorbraakplaat. De titelsong en tevens single opent het album. In The Dutch Mountains scoort door heel Europa en schopt het in Nederland tot de veertiende plaats. De surrealistische tekst – refererend aan het onbekende Nederland buiten het Amsterdam van Hofstede’s jeugd – de stuwende en bijzondere muziek en de oer-Hollandse clip dragen allen bij aan het succes van het nummer en, in het kielzog ervan, de elpee.

J.O.SOok de volgende single, het folkliedje J.O.S. Days haalt de Top 40. Dit herkenbare familie- en voetbalrelaas is de zoveelste trefzekere compositie van The Nits, en een van de vele pareltjes op In The Dutch Mountains. Als kind speelde Henk Hofstede vaak op een oorlogsmonument, een groot monument voorzien van trapjes. Het stond tussen velden van Amsterdamse voetbalclub JOS. De hele familie Hofstede voetbalde bij deze club uit de Watergraafsmeer. Henk was echter meer met muziek bezig dan met voetbal en als eerste in de familie haakte hij af als voetballer: “a break with the family tradition”.

Het bijna neoklassieke The Swimmer, met een voorname rol voor Robert Jan Stips zit vol met droombeelden uit de jeugd van Henk Hofstede:

“I’m in a drier in the kitchen
In a tornado of shirts and towels
Turn around
Turn around”

Ook de derde single, The Panorama Man, is gebaseerd op jeugdherinneringen van Hofstede. De bladenman en zijn leesportefeuille brachten avontuur en lanceerden de kleine Henk iedere week weer verre werelden in. Tegenover de jeugdherinneringen plaatst de band intrigerende songs als het atmosferische, spannende en minimalistische Two Skaters en de jazzy jam An Eating House, waarin een eethuis zich tegoed doet aan een gezin in de hoop uit te groeien tot een wolkenkrabber. De band brengt in Duitsland overigens In A Play (Das Mädchen im Pelz) op single uit. Een fraai en teder nummer, waarin de band een jazzy nachtclubsfeer combineert met slidegitaar. Mountain Jan is een mini-symfonie die het unieke karakter van The Nits nog eens onderstreept.

De recensent van OOR slaat in oktober van dat jaar de spijker op zijn kop en schrijft dat The Nits popmuziek maken “waar muzikaal genot nog op de eerste plaats komt en waar de lol van het spelen op alle mogelijke manieren vanaf straalt”. In The Dutch Mountains komt eind oktober in de elpeelijst binnen en zal doorstoten naar een indrukwekkende negende plaats. De plaat zal niet minder dan 27 weken in de lijst bivakkeren. The Nits zijn definitief doorgebroken in Nederland. Als klap op de vuurpijl mag de band een Edison in ontvangst nemen.

Nits2-artikel2OOR vraagt zich af of de jeugdherinneringen op In The Dutch Mountains iets te maken hebben met ouder worden? Hofstede, inmiddels 36: “Voor een hele hoop mensen komt er een periode in hun leven dat ze het tijd vinden eens wat orde op zaken te stellen. In ieder geval proberen ze een beeld te verscherpen wat anders verloren zou gaan. Dat heb ik al een tijd. Ik was al buiten de muziek om dingen aan het noteren in verband met een film of zo, gewoon een beetje aan het graven.”

En over de albumtrack An Eating House: “Als ik onderweg ben teken ik vaak allerlei dingen. Vanuit die tekeningen ben ik tevens gaan schrijven. En daar zat er een bij van een restaurant en mensen die uit eten gingen. Nou, als die auto wegrijdt krult de weg zich ineens als de tong van een insect op. Daar komt nog bij dat ik nogal eens notities maak als we onderweg zijn en in de meest vreemde restaurants eten. Van die koudige natte dingen in Duitsland tot die hele donkere beetje gemütliche restaurants in Wenen waar ze Schnekken Im Speckhemd serveren. Bizarre dingen van onderweg, die we verzamelen. En soms gaat de doos open.”

Doorlopend succes

In 1988 gaan The Nits voor het eerst op tournee door de Nederlandse schouwburgen en theaters. Dit geeft de band de kans meer met visuele middelen te werken en de band treedt op tegen een achtergrond van bewegende panelen. “een soort aap-noot-mies-bord”, aldus Rob Kloet in OOR. Zoals gebruikelijk in theaters last de band iedere avond een pauze in. Voor het eerst bestaat een avondje Nits niet uit één set.

Omdat J.O.S. Days alweer een maand of tien geleden was, besluit de band voor het einde van 1988 nog met een release te komen. Het idee is met de theatertoer en de nieuwe nummers in het achterhoofd een ep’tje te brengen. De plaat wordt in de Wisseloord Studio’s opgenomen, heet Hat en telt uiteindelijk toch nog zes nummers. De mini-elpee komt uit in november 1988 en past prima bij het jaargetijde. Het melancholische The Bauhaus Chair gaat over verlangen, hang naar het verleden en doet van alle nummers op Hat nog het meest aan The Nits van de vroegere jaren tachtig denken.

HatDe singles van Hat zijn The Train en The Dream. Folky, herfstachtig en pakkend. Beide nummers zullen zich vlot ontwikkelen tot klassieke Nits-songs die, zeker in het geval van The Dream, ook vrij veel airplay krijgen eind jaren tachtig. Ondanks de weldadige synthesizers op het interessante en experimentele titelnummer, heeft Hat een akoestisch karakter. Robert Jan Stips in OOR: “Jarenlang probeer je zo’n synthesizer onder de knie te krijgen en op een gegeven moment ga je de schoonheid van zoiets als een accordeon inzien. Je zou het misschien ook als een lichtelijk protestgevoel kunnen beschouwen, ten opzichte van al die high-tech geluiden die maar op je afkomen.”

The Nits winnen in 1988 een tweede grote prijs voor In The Dutch Mountains: de BV Popprijs. Het theaterdecor van eind 1988 wordt aan paar maanden later weer van stal gehaald als The Nits een drietal concerten in Moskou geven, een lang gekoesterde wens van Henk Hofstede. Met dank aan de Finse promotor van The Nits en de single In The Dutch Mountains, naar verluidt een clubhit in Moskou. De band staat drie avonden in de theaterzaal van het Rossia-complex, het grootste hotel van de wereld. Voor 3000 Russen spelen The Nits een set die stevig leunt op het werk van de afgelopen jaren. Henk Hofstede in OOR: “Op het moment dat je zo’n zaal binnenkomt, waar zo’n 3000 mensen op je zitten te wachten, dan weet je dat je daar in Nederland veertien gouden platen voor moet hebben plus Lee Towers moet heten. Dat dit hier lukt vind ik nog steeds een klein wonder.”

UrkNiet alleen Moskou moet eraan geloven. The Nits toeren in 1989 ook met succes door West-Duitsland, Zwitserland, Frankrijk, Scandinavië én de Verenigde Staten. Alsof het nog niet genoeg is brengt de band een driedubbele live-elpee en dubbel-cd uit: Urk. Ter gelegenheid hiervan wordt Adieu Sweet Bahnhof opnieuw uitgebracht, deze keer in een liveversie. Het is met name Urk dat het geweldig doet aan het einde van het decennium. De plaat schopt het tot de tweede plaats in de elpeelijst en zal daar bijna dertig weken rond blijven hangen. Het album sleept bovendien een Gouden Harp én een Edison in de wacht.

Het derde decennium

Alhoewel de groep de piek van eind jaren tachtig niet meer overtreft, beginnen de jaren negentig toch veelbelovend. De band noemt zich inmiddels Nits (zonder ‘The’) en toont zich van zijn meest verfijnde kant op het album Giant Normal Dwarf, een nieuw hoogtepunt in het oeuvre. Radio Shoes is de fraaie single met een verrassend koor (“little red roses fall from heaven”). Op Giant Normal Dwarf is een zeldzaam creatieve en ideeënrijke band te horen. Een band ook met inmiddels ruim tien jaar opname-ervaring. Het is duidelijk te horen. Daar komt nog eens bij dat Hofstede zichzelf als zanger weet te overtreffen. In Apple Orchard bestrijkt hij moeiteloos een zeldzaam gevarieerd spectrum en ook op de andere nummers valt zijn verzorgde, fijngevoelige zang op.

Giant Normal DwarfHet album kent weinig single-kandidaten. Titelsong Giant Normal Dwarf wordt ook op single uitgebracht. Een echt radionummer is het niet en het nummer komt niet verder dan de tipparade. Het zijn de fraai gearrangeerde, spitsvondige songs die het album doen schitteren, nummers die het gemis aan singles op Giant Normal Dwarf ruimschoots goedmaken: Moon Moon is een prachtige diepe track met mondharmonica, een dreigende maar mooie ondertoon, een doeltreffend refrein en effectieve accenten van de handen van Robert Jan Stips en Rob Kloet. Gelanceerd door de prachtige synths van Stips duikt de band in The Night Owl, zo mogelijk nog dieper. Atmosferisch en ruimtelijk, een ander hoogtepunt.

Ondanks het gebrek aan singlehits haalt Giant Normal Dwarf wel de dertiende plek in de elpeelijst. Op het tekstvel van de plaat is een opvallende regel te lezen: “Joke Geraets is still wearing our Radio Shoes”. De bassiste kampt al enige tijd met ziekte en zal een jaar later, in 1991, noodgedwongen de band moeten verlaten. Een tegenslag in een jaar dat het de band internationaal wederom voor de wind zal gaan: eind juni spelen de Nits voor de tweede keer op Roskilde en in juli opent de band het befaamde New Music Seminar in New York.

De harde kern van de Nits staat begin jaren negentig nog fier overeind en zal ook in de jaren erna nog regelmatig van zich doen spreken middels sterk releases en concerten.Tot op de dag van vandaag.

Volgende artikel Postpunk Nederland: The Dutch / W.A.T. / Tent
Voorgaande aflevering Postpunk Nederland: The Nits (deel 1)