Interview: Stevie Ann gaat eigen weg
Door op 02 mei 2013

Vanavond start in Breda de clubtour van Stevie Ann, wiens album California Sounds vorige maand verscheen. WrittenInMusic sprak de zangeres over haar album, haar semi-verhuizing naar Los Angeles en natuurlijk de clubtour.

WiM: Wat opvalt is dat je album werkt op meerdere niveaus. ’s Morgens met een kop koffie en een krantje is ‘ie perfect als achtergrondmuziek, ’s avonds met een glas wijn merk je pas dat in die zonnige muziek soms niet heel vrolijke teksten schuilgaan.
“Ha, zo heb ik er eigenlijk nooit echt bij nagedacht… Typisch dat het zo overkomt, we hebben het in ieder geval niet heel bewust op die manier in elkaar gezet als je dat bedoelt. Er staan ook een aantal meer vrolijke nummers op, dus het is niet allemaal heel duister. Interessant, zo’n benadering, ha ha ha.”

WiM: Het contrast werkt goed en maakt dat je met verschillende oren luistert op verschillende momenten, dat is wat ik wil zeggen.
(lachend) “Dank je, denk ik…”

WiM: De wereld is heel klein tegenwoordig. Moet je echt naar Californië om inspiratie te vinden die je niet in je geboorteplaats Roggel kan vinden?
“Inspiratie hoeft inderdaad niet direct uit Californië zelf te komen, die komt overal. Wat me creatief heel erg aanspreekt aan met name Los Angeles is dat je daar echt een ‘eenheidsgevoel’ hebt. Nu heb je dat in Nederland als artiesten onderling ook wel, maar het is toch anders. Daar heeft iedereen die je ontmoet een creatieve ‘drive’. Je voelt aan alles en iedereen dat ze plannen hebben. Het bruist er. Iedereen is daardoor min of meer hetzelfde, ondanks dat er verschillen zijn. Als muzikant voel je jezelf echt onderdeel van een ‘community’.”

WiM: Met zo veel creatievelingen op één plek, zit je elkaar dan niet enorm in de weg?
“Dat gevoel heb ik helemaal niet. Los Angeles is dan ook zo weids, het voelt niet als een stad, het is meer een verzameling aan elkaar geplakte dorpjes. Dat uitgestrekte is het fijne, iedereen heeft het gevoel dat hij of zij de ruimte heeft om te creëren. Niemand zit op elkaars lip. Het ‘community’ gevoel dat je hebt heeft iets geborgens. Je zit daar toch meestal zonder familie en dergelijke. Het maakt het bestaan minder eenzaam.”

WiM: Het nummer Never Go Home lijkt over die eenzaamheid te gaan, je zingt over het nooit meer naar huis gaan. Wat voelt voor jou persoonlijk als ‘thuis’?
“Zoals ik nu in het leven sta, heb ik twee thuisplekken. Los Angeles hoort daar absoluut bij. Ik ben daar heen gegaan voor de muziek, maar inmiddels voelt het als thuisbasis. Maar Roggel, mijn geboortedorp, is ook absoluut een thuisbasis. Never Go Home is een uitvergrote, overdreven versie van hetgeen ik voelde toen ik voor het eerst naar Los Angeles vertrok. Maar ik vind het nog steeds erg fijn om te zingen, omdat het gaat over het najagen van een droom. Het geeft kracht en bevestigt voor mezelf de eigen weg die ik gekozen heb.”

WiM: Is het moeilijk om zo’n stap te maken en écht je eigen weg te volgen?
“Moeilijk… niet echt. Maar het is wel een grote stap geweest, waar ik even zenuwachtig over was. Het was een stap die ik op het moment dat ik ‘m nam al heel lang wilde zetten. Iets wat ik gewoon moest doen, anders zou ik er spijt van krijgen.”

WiM: Je vorige album werd al deels in Los Angeles opgenomen, deze in Minneapolis en Los Angeles. Is dat ook de manier waarop je wil blijven werken in de toekomst?
“Er zitten daar te gekke muzikanten met wie ik graag samenwerk, maar goede muzikanten zijn ook hier in Nederland te vinden. Sommige gitaarpartijen en de blaaspartijen op California Sounds zijn bijvoorbeeld in Nederland opgenomen. Maar op het moment dat je als muzikant in Los Angeles bent, ga je daar ook op zoek naar muzikanten en studio’s om op te nemen. Het is min of meer een gevolg van het daar zijn.”

WiM: Je stelt net dat iedereen daar wel een creatieve droom heeft, maakt dat de muzikanten die in Los Angeles spelen en werken ook meer gedreven?
“Zeker, maar dat ligt niet eens zozeer aan de muzikale gedrevenheid, maar meer aan de mentaliteit van het hele land daar. Het zijn vechters, mensen die ergens volledig voor gaan en geen half werk verrichten. Waarbij het natuurlijk wel zo is dat de meeste mensen in Los Angeles daar specifiek naartoe zijn gekomen om iets met de muziek te doen. Wat voor nog een stukje extra gedrevenheid zorgt.”

CaliforniaWiM: Op California Sounds werk je meer dan ooit samen met co-schrijvers, zoals Kim Richey, Rob Giles en Curt Schneider. Wat neem je mee als componist als je met anderen werkt?
“Ik probeer altijd heel goed op te letten hoe anderen met hun taalgebruik omgaan. Een melodie schrijven is echt ‘mijn ding’, dat kan ik goed en daar heb ik veel zelfvertrouwen in. Maar teksten daar blijf ik altijd een beetje onzeker over omdat ik als Nederlander toch in een andere taal werk. Om mijn Engels zo goed mogelijk te houden lees ik ook vooral Engelse boeken en tijdschriften, maar je merkt dat zo’n taal pas echt gaat leven als je met een ‘native speaker’ schrijft. Het is super inspirerend om op zo’n manier nieuwe woorden te leren en bepaalde zinsopbouw onder de knie te krijgen. Los van dat alles was het samenwerken voor mij ook een manier om nieuwe mensen te leren kennen in Los Angeles.”

WiM: De samenwerking met schrijver/producer Susan Sandberg was wel heel innig, ze is zelfs in Nederland voor de albumpresentatie en zit bij de persdag voor aanvullende info.
“Die samenwerking is echt het allergrootste verschil met mijn vorige albums. Die heb ik allemaal in mijn eentje geschreven en daarna pas kwam er een producer bij om de boel op te nemen. Een supertof proces, maar ik heb de afgelopen jaren meer behoefte gehad aan mensen om mij heen. Ik wil meer kunnen delen, over en weer inspireren. Mijn uitgeverij in Nashville suggereerde dat we eens zouden moeten ontmoeten en direct was er een klik. Zodoende is het schrijven en opnemen in samenwerking met haar heel organisch gegaan.”

WiM: Wat is haar belangrijkste bijdrage geweest?
“Ik had al veel nummers voor dit album geschreven en ik zat in mijn hoofd een beetje vast. Puur omdat ik conceptmatig binnen de grenzen van een album aan het denken was. Zij zei doodleuk ‘dan ga je toch gewoon voor iets anders schrijven? Een tv-show ofzo?’ Er viel een last van mijn schouders. Ze liet me realiseren dat ik in feite gewoon kan maken wat ik wil. Het is een psychologisch dingetje. Er ging een knop om en dat werkte heel bevrijdend.”

WiM: Een klinkende naam op het album is Jonathan Jeremiah. Hoe kwam je bij hem terecht?
“Voor dit album heb ik een nummer geschreven dat Grey And Old heet. Dat nummer was echt als duet bedacht en ik heb mijn platenmaatschappij Universal een lijstje namen gegeven van artiesten waarvan ik dacht ‘die passen daar goed bij’. Ik had Jonathan zien optreden in Carré en dat was fantastisch. Maar ik had niet de illusie dat hij interesse zou hebben. ‘Maar je kunt het altijd vragen’, zeiden ze en hij vond het juist heel tof om samen te werken.”

WiM: Maar Grey And Old staat niet op het album…
“Nee, zo zijn er wel meer nummers niet op het album terecht gekomen. Ik had veel inspiratie en had uiteindelijk zo’n zeventig nummers klaar. Jonathan vond I Believe In Love, dat ik niet als duet had bedoeld, een heel interessant nummer waar hij ook zo zijn eigen ideeën bij had. Door die in de track te verwerken is het nummer zoals het nu is tot stand gekomen en is dat dus het duet geworden op het album.”

WiM: Je gaat nu op clubtour door Nederland. Is dat spannend na zo’n relatief lange tijd weg?
“Ik heb vorig jaar nog wel een theatertournee gedaan natuurlijk, ook om mijn naam nog een beetje ‘warm te houden’. Maar in het clubcircuit ben ik lang niet te zien geweest inderdaad. Wordt ook heel anders. De theaters deed ik kleinschalig, wat ik ook te gek vind. Het alleen of in kleine setting spelen dwingt me op een andere manier naar mijn liedjes te kijken. Dat werkt heel verfrissend, maar houdt me ook bij mijn ‘roots’. Zo ben ik tenslotte begonnen en dat wil ik altijd blijven doen. De clubs ga ik in met een volledige band. Vind ik net zo tof, want dan kan ik ook wat meer rocken en andere kanten van mezelf laten zien. We hebben er bewust voor gekozen niet direct alle grote zalen te bespelen. Eerst eens zien of we de kleinere zaaltjes na al die tijd weer vol krijgen. Maar we eindigen wel in de grote zaal van Paradiso. Superspannend, maar ik heb er onwijs veel zin in.”

Tourdata Stevie Ann:

  • 2 mei Mezz Breda
  • 3 mei Burgerweeshuis Deventer
  • 4 mei Paard van Troje Den Haag
  • 8 mei Nieuwe Nor Heerlen
  • 11 mei LantarenVenster Rotterdam
  • 12 mei Tivoli de Helling Utrecht
  • 16 mei Metropool Hengelo
  • 18 mei Patronaat Haarlem
  • 19 mei Bosuil Weert
  • 23 mei Doornroosje Nijmegen
  • 25 mei Underground Lelystad
  • 29 mei 013 Tilburg
  • 30 mei Effenaar Eindhoven
  • 31 mei Oosterpoort Groningen
  • 1 juni Paradiso Amsterdam