Ibibio Sound Machine – Doko Mien
Door op 01 april 2019

Band: Ibibio Sound Machine
Album_title: Doko Mien
Genre: World/Afrobeat, Electronic, new wave, Funk, Dance
Release_date: 03/22/2019
Label: Merge
Rating: Drieënhalve ster (3.5)
Soundsid: 3870453
Doko Mien Ibibio Sound Machine
3.5
3.5
Dat afrobeat zich prima weet te mengen in de postpunk muziek uit de jaren tachtig is in tal van voorbeelden terug te vinden. The Police deed dit op een commerciële wijze, Talking Heads meer kunstzinnig en dichter bij de basis, maar ook meer excentriekelingen als bij Public Image ltd. maakten hier onbeschaamd gebruik van. Ibibio Sound Machine heeft zijn oorsprong in Nigeria en wordt geleid door vocalist Eno Williams, woonachtig in het muziekcentrum Londen. Natuurlijk vergeet ze haar roots niet, maar op hun derde plaat weten ze de westerse invloeden een steeds meer dominantere rol toe te eigenen. In normale omstandigheden bevolkt de band met acht man het podium, maar sta er niet vreemd van op te kijken als hier zich gedurende het optreden nog een aantal gastmuzikanten bij voegen. Het is een heerlijke kolkende massa, die als een bruistablet alle problemen eventjes naar de achtergrond verband. Dat Eno Williams hier minder politiek getinte teksten geschreven heeft dan op Uyai , is een feit. Allemaal een stuk universeler, de problematiek van haar thuisland staat minder op de voorgrond. Het is voornamelijk een warm tot dansen oproepend gezelschap, die de menigte heerlijk wil laten zweten. Welke hier aangename herinneringen oproept aan de Nijmeegse Zomerfeesten van jaren geleden. Een stuk minder commercieel, en meer gericht op de grote culturele massa, die de stad een week lang bevolkt. Veel meer stonden toen soortgelijke internationale tradities centraal. Met een overschot aan blaasinstrumenten, keyboards en percussie laat deze soulvolle hogepriesteres je kennis maken met deze aangename ceremoniële sessie, genaamd Doko Mien. Ofwel vertaald in het Engels Tell Me.

Het zwaar door eighties keyboards bewerkte I Need You to Be Sweet Like Sugar (Nnge Nte Suka) krijgt een groovend funky vervolg in de herhalende pompende sound. Gitarist Alfred ‘Kari’ Bannerman kan met zijn eigenzinnige spel en ervaring bekende collega’s aardig wat bijleren. Met het nodige gemak mengt hij zich dominerend op de voorgrond. Niet vreemd dus dat hij zich vanaf de jaren zeventig al in de veelzijdigste projecten heeft gestort. De blazers introduceren zichzelf om vervolgens gereed te staan voor hun volgende assistentie. Ondanks dat Williams het niet nodig heeft krijgt ze verbale ondersteuning met soulvolle backings van Jaelee Small en Chantal Brown. Vetter hadden ze niet kunnen starten. Dat ze net zo gemakkelijk kunnen omschakelen naar dansbare souldisco met diepe bas bewijzen ze met Wanna Come Down. Het is bewonderenswaardig dat ze hiermee niet grootheden uit het desbetreffende tijdperk in de weg lopen. Ze onderscheiden zich overduidelijk van andere acts met hun persoonlijke benadering. Disco is al tijden niet meer zo smakelijk geserveerd. Meer vintage achterhaalde futuristische cybergeluidjes versieren als kleurrijke slingers het meer uptempo Tell Me (Doko Mien). Ze weten echte instrumenten te mixen met kunstmatige klanken, waar tussen de scheidingslijn niet te leggen is. Ruimte voor een donkere sfeervolle benadering is er in het dromerige I Know That You’re Thinking About Me. Als eenarmige slagwerkers wordt er een statisch ritme afgeleverd, minder gebruik makend van veelzijdige percussie mogelijkheden, maar alles in dienst van de dreigende track. Max Grunhard gooit er met zijn saxofoon nog de nodige new wave oproepende blaaspartijen door heen, om zorg te dragen dat het niet afsterft in een niks zeggende fade out.

De toekomst wordt vervolgens gecreëerd in de met Where The Street Have No Name, inderdaad van U2, raakvlakken hebbende I Will Run. Je kan het schaamteloos ontkennen, bij mij wordt het binnen gehaald als een groot compliment. Hopelijk doen de heren van de wereldband er niet moeilijk over, maar incasseren ze het met respect en trots. Dat de tango als basis genomen wordt in Just Go Forward (Ka I So) is verrassend, en al snel hoor je er weinig meer van terug. Je struikelt over de Shaft achtige filmtunes die vervolgen. Zo lijkt het dat je opeens midden in een foute nagesynchroniseerde gevechtsfilm bent beland. Dat ook nog Alfred Bannerman ten tonele verschijnt is altijd prachtig. Hij is over de hele linie te weinig in beeld, maar hierdoor zijn de spaarzame optredens alleen maar sterker. De nog in de kinderschoenen staande housebeat van She Work Very Hard zit in het duistere schemergebied tussen postpunk en synthpop. Daarmee lieten nog zoekende wave bands ons jaren geleden kennis mee maken. Zelf nog overrompeld door de mogelijkheden van deze rechthoekige machines. Al snel blijkt het dat het toch weer party time is. Ibibio Sound Machine beschouwt het niet als meerwaarde om in de deprimerende neerslachtigheid te blijven hangen. Een wereld die bewoont wordt door vrouwelijke huishoud robots waarbij rook uit de scharnieren komt, met voor de kunstmatige ogen een rood geletterd balkje met Information Overloaded. De angst voor een maatschappij die teveel eisen aan zichzelf stelt. Om hier dan toch weer die funky twist aan te geven is erg gaaf. De smerige rockende gitaarsound mag het weer allemaal ontregelen.

Nyak Mien is een overvloed aan blijheid en vrolijkheid, misschien net te veel. De stoelendans tussen stukjes ska en Latijns- Amerikaanse fragmenten vergt veel van de danspartners en heeft een vermoeiende werking. Anderzijds, met een paar glazen Malibu Coconut als opwarmertje, hou je jezelf wel staande. Toch krijg ik de indruk dat ze hierbij wel de gemakkelijkste weg hebben vervolgt. Het zweverige intro van Kuka had achterwege mogen blijven, het voegt weinig tot niks toe aan de indringende gothic sound die volgt. Meer psychedelisch wordt er weg gedroomd in de zomerbries van Guess We Found a Way, welke zich met gemak als titelstuk voor een bewerkte vintage James Bond film mag inschrijven. Zwoel, sensueel, maar tevens stoer. De verwijzingen naar Afrika komen nog het beste tot hun recht bij het jazzy Basquiat, waar een vingervlugge pianist het voorbereidend werk mag aanleveren. Het muzikale gevecht dat de bassist met de helder spelende gitarist aan gaat, wordt overtuigend gewonnen door de eerste. Als toegift krijgen we nog een instrumentale introductie van de gehele band. En om eerlijk te zijn, de namen voegen weinig toe, bij de aankondiging van de volgende muzikant, weet het merendeel van het publiek de vorige al niet meer te herinneren. Ibibio Sound Machine is klaar voor het naderende mooie weer. De jurkjes mogen weer uit de kast komen.

Tracklisting Doko Mien:

  1. I Need You to Be Sweet Like Sugar (Nnge Nte Suka)
  2. Wanna Come Down
  3. Tell Me (Doko Mien)
  4. I Know That You’re Thinking About Me
  5. I Will Run
  6. Just Go Forward (Ka I So)
  7. She Work Very Hard
  8. Nyak Mien
  9. Kuka
  10. Guess We Found a Way
  11. Basquiat