Enerverend Sodade Festival in De Doelen
Door op 06 juni 2016

Gig_title: Sodade Festival
Loc_venue_prefix: De
Loc_venue: Doelen
Loc_city: Rotterdam
William Araujo en Melissa Fortes

William Araujo en Melissa Fortes

Het Sodade Festival in De Doelen, Rotterdam, liet zaterdag 4 juni een breed spectrum aan Kaapverdische muziek zien en horen. Van meer traditionele Kaapverdische muziek (Rabasa) tot mixen van Kaapverdische muziek met pop en funk, en met Braziliaanse muziek (Melissa Fortes). Ook niet-Kaapverdische stijlen als rap (Broederliefde) en reggae (Nish Wadada). Er stonden ook grote namen op het festival zoals Sara Tavares, Bonga en Tito Paris. Een van de hoogtepunten was het concert van het Rotterdams Philharmonisch Orkest dat gewoonlijk klassieke muziek speelt maar nu Rotterdams/Kaapverdische artiesten van diverse generaties begeleidde.

De optredens vonden plaats op diverse locaties in De Doelen dat nu 50 jaar bestaat; in de Hal, de Grote Zaal en de Arcadis zaal waar vooral de onder Kaapverdiaanse jongeren populaire Kizomba stijl was te horen, een genre dat door het romantische karakter van de muziek ook wel de Afrikaanse tango wordt genoemd. Optredens vonden gelijktijdig plaats waardoor het onmogelijk was alles te zien. Maar wat je als toeschouwer kon bijwonen, liet overtuigend horen dat er veel talent zit onder de Kaapverdische musici in Rotterdam. In Nederland wonen tegenwoordig zo’n 20.000 Kaapverdianen waarvan de meesten in Rotterdam. Er zijn veel musici onder de Kaapverdianen en de belangstelling voor hun muziek groeit. Het is nu 60 jaar geleden dat de eerste Kaapverdiaan Djunga di Biluca in 1955 aankwam in de Rotterdamse haven. In 1963 begon hij het platenlabel Morabeza Records waarop veel Kaapverdische artiesten werden uitgebracht.

Rabasa

Rabasa

Bij binnenkomst rond zes uur swingde  het in de hal meteen de pan uit met Pau E Corda Lu Rabeca, een pittige baslijn en een mooie viool accentueerde de muziek. Daarna was het de beurt aan Rabasa dat in januari het nieuwe album Ora Ta Pasa uitbracht. Uiteraard speelden ze nummers van dit album zoals Dia I Noti, wat mij betreft een van de mooiste. Met Marijn van der Linden op gitaar in plaats van Paulo Bouwman zette Rabasa ondanks problemen met het geluid een overtuigende set neer. Lekkere en swingende nummers als Morena en Cidade Velha Ole (van het album Pertu Di Bo, 2004) gingen erin als koek. Op het moment dat Rabasa hun optreden begon en eindigde klopte er weinig van het tijdschema en dat zou de hele avond en een deel van de nacht zo blijven. Maar de sfeer werd er echt niet minder op. De warme sprankelende klanken van de Kaapverdische muziek bleven boeien, of het nu om een rustige weemoedige morna of een opzwepende funana ging zoals bij Bitori.

IMG_1244

De titel van het festival is prima  gekozen. Sodade is een moeilijk te vertalen woord maar het betekent heimwee, weemoed, melancholie en verlangen. De Kaapverdianen kwamen naar Nederland op zoek naar een beter leven maar de heimwee naar het vaderland bleef net als het verlangen om familieleden te zien die nog in Kaapverdië wonen. Het beroemde lied Sodade werd wereldwijd bekend gemaakt door wijlen Césaria Évora. Haar silhouet prijkte op veel flyers en op het scherm in de Grote Zaal. Sara Tavares prees tijdens haar optreden Césaria’s eenvoud. Tavares heb ik al lang niet meer in Nederland zien optreden. Met onder andere Miroca Paris op drums liet zij nieuw repertoire horen maar ook songs van haar albums Xinti (2009) zoals Bué en Di Alma en van Balancê (2005) zoals Planeta Sukri, One Love en het geweldige titelnummer waar zij het publiek uitnodigde mee te zingen.

Van Sara Tavares naar de Arcadis zaal, waar DJ Djangobeats Kizomba draaide en daarna de jongens van Broederliefde rapten over Afro house beats. Onlangs nog te zien bij De Wereld Draait Door, gingen ze er flink tegenaan en bouwden een feestje met het publiek. Ondertussen was er in de hal een mix van Kaapverdische artiesten te horen, onder wie Johnny Ramos en William Araujo. Daarna zouden in de Hal reggae artieste Nish Wadade, Elaine da Silva en Melissa Fortes optreden. Melissa bracht in januari haar debuut Sonho De Um Beija-Flor (Droom van de kolibri) uit. Zij weet heel goed het publiek te bespelen. Zij verwerkt in haar muziek invloeden uit jazz, soul en Braziliaanse muziek. Met William Araujo zong ze het sterke Doce Sima Mel en met Arlindo dos Santos Er is geen dag, het enige Nederlandstalige nummer op haar debuut.

Arlindo en het Rotterdams Philharmonisch Orkest

Arlindo en het Rotterdams Philharmonisch Orkest

Met het Rotterdams Philharmonisch Orkest zong Arlindo met veel soul zijn eigen nummer Imagina. Ook Sonia Andrade, evenals Arlindo een van Melissa’s backing vocals, zong met het orkest. Zij begon met spoken word en zong daarna heel zachtmoedig een prachtig nummer. Het orkest was nog zonder vocalisten begonnen met het spelen van Kaapverdische traditionals waaronder Sodade. Het vooral uit Kaapverdianen bestaande publiek reageerde bij elke melodie met applaus. Toen kwam Nenny Silva! Wat een volle stem, dat was erg goed.

Vervolgens Americo Brito, aangekondigd door Sonya Dias. Brito is een van de eerste Kaapverdische zangers die begin jaren tachtig veel optrad in Nederland. Hij is van begin af aan betrokken geweest bij de opkomst van de Kaapverdische muziek in Rotterdam. Hij heeft een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling daarvan. Heel gevoelig zong hij de Kaapverdische klassieker Beija de Saudade . Luis Fortes volgde met het nummer Brazil en Jacqueline Fortes vertegenwoordigde net als Americo Brito de oudere generatie, vooral haar uitvoering van Lua was bijzonder mooi.

Americo Brito en het Rotterdams Philharmonisch Orkest

Americo Brito en het Rotterdams Philharmonisch Orkest

In de Grote Zaal traden ook grote namen als Bonga en Tito Paris op. Met zijn traditionele Angolese semba stijl  kreeg Bonga het publiek al snel uit de stoelen. Hij maakt feestmuziek bij uitstek, maar wel met scherpe teksten die hij met een rauwe stem de zaal in slingerde. De zanger die 30 albums uitbracht kreeg veel bijval van het publiek. Net als Bonga is Tito Paris een geweldige songwriter.
Hij wordt ‘de prins van de Kaapverdische muziek’ genoemd, treedt op sinds 1982 en bracht veel albums uit waarvan Acústico (2005) een van zijn beste is. Het was al middernacht toen Tito Paris met een band (met oa Nils Fischer- CaboCubaJazz op conga’s) zijn optreden begon. Het was heen en weer snellen tussen Melissa Fortes in de Hal en Tito Paris in de Grote Zaal. Twee erg goede optredens rond middernacht, bij Melissa was het dansen geblazen, bij Tito Paris vooral luisteren naar zijn met hese stem gezongen liederen waarin Kaapverdische stijlen als morna en funana mooi samenvallen met het Frans Antilliaanse zouk genre. Zo bracht het Sodade Festival een gevarieerde muzikale weldaad naar het publiek, deels geproduceerd in Rotterdam, deels in Lissabon en Kaapverdië.

Foto’s: Wendy Hoogendijk

Nenny Silva en het Rotterdams Philharmonisch Orkest

Nenny Silva en het Rotterdams Philharmonisch Orkest

Americo Brito zingt Beijo de Saudade

https://www.youtube.com/watch?v=C9xX4pFNlXQ