Bowie-bio meer mythe dan muziek
Door op 17 november 2014

Niemand kan nu hij vijftig jaar ‘in het vak’ zit om David Bowie heen. Vrijdag verscheen de driedubbel-cd Nothing Has Changed, vanavond is er in Paradiso een complete avond als eerbetoon aan de muzikale held opgetuigd. Inhakend op dit alles is ook Wendy Leigh’ biografie in het Nederlands uitgebracht.

Dat boek is een curieus geheel en is naargelang de verwachtingen die je hebt óf smullen, dan wel volstrekte pulp. De flaptekst verraadt eigenlijk al veel. “Op basis van vele interviews – met onder andere vrouwelijke én mannelijke minnaars, zakelijke contacten, groupies en bandleden – schetst Wendy Leigh een nietsverhullend portret.”

Dat zinnetje dekt volledig de lading. Met de nadruk op nietsverhullend. Wie iets over Bowie de artiest te weten wil komen, over zijn beweegredenen, artistieke keuzes, invloeden die tot een bepaalde muziekstroming in zijn oeuvre leidden… die mensen komen er met dit boek bekaaid vanaf en kunnen eigenlijk beter de genoemde driedubbel-cd aanschaffen die in omgekeerde volgorde (vanuit het heden terug naar het begin) ’s mans carrière op een vrij openbarend te noemen wijze uiteen zet. En dat is opmerkelijk te noemen voor de zoveelste verzamelaar van Bowie.

BOWIEBIOWendy Leigh’ boek legt de nadruk vooral op het privéleven van de ster. Waarbij de focus ligt op Bowies avonturen met een enorme reeks aan (bekende) bedpartners en wat in het boek zijn ‘zware, als de pendule van een klok zwiepende penis’, of ‘liefdeslans’ wordt genoemd. Om er maar een paar beschrijvingen uit te vissen over het schijnbaar nogal uit de kluiten gewassen voortplantingsorgaan van de muzikant dat er ‘buitenaards ogend en zelfs bijna onmenselijk uitziet’.

Het zegt genoeg over de menselijke natuur dat je als lezer toch met rode oortjes voort ploetert door het boek en daarbij regelmatig zenuwachtig, dan wel hardop lacht om de in dit boek beschreven sex, drugs and rock ’n roll verhalen, waarbij de nadruk dus vooral op het eerste segment van die vermaarde spreuk ligt. Het is dan ook de vraag in hoeverre je hetgeen je leest serieus kan nemen. Natuurlijk, Bowie hield er een nogal hedonische levensstijl op na. Dat is geen geheim. Maar in hoeverre was die levensstijl van invloed op de manier waarop hij in de jaren ’70 de muziekgeschiedenis naar zijn eigen hand zette en de popcultuur beïnvloedde? Of op de manier waarop hij in de jaren na Let’s Dance uitgroeide tot wellicht de grootste ster ter wereld? Wendy Leigh geeft in Bowie De Biografie het antwoord niet. Leigh lijkt vooral zo veel mogelijk slaapkamer- en kledingkast- (hallo Bette Midler) en slaapkamermythes tot waarheden te willen verheffen.

Het is opvallend dat er nog steeds geen echt definitieve biografie van het fenomeen Bowie bestaat. Starman van Paul Trynka komt in de buurt, evenals het iets moeilijker verteerbare maar tamelijk complete Strange Fascination van David Buckley, beiden rond de 600 pagina’s en beiden een flinke kluif voor de ‘casual readers’. Bowie De Biografie van Wendy Leigh is het ook zeker niet, maar leest vanwege de sappige verhalen wel als een speer. De vertaling van Robert Neugarten moet overigens zeker even genoemd worden, want dat is een van de redenen dat deze Nederlandse versie zo lekker doorleest. Veel vertaalde bio’s (die van Keith Richards is er een goed voorbeeld van) missen toch de schwung die bij een rock ’n roll-verhaal hoort. Die is hier meer dan aanwezig en dat moet bij zo’n vet uit de bocht vliegend verhaal ook. Het resultaat is een boekuitgave die de gemiddelde Bowie-fans en serieuze muziekliefhebbers lachend terzijde zullen schuiven. Terecht overigens. Maar het is ook een boek dat menigeen vervolgens als niemand het ziet heimelijk in een donker hoekje in één ruk zal uitlezen.