Back to Abbey Road: What if The Beatles had stayed together?
Door op 13 januari 2014

Gig_title: Back To Abbey Road
Genre: Pop
Loc_venue: Brest Theater
Loc_city: Brielle
Loc_country: Nederland

Compact is de titel van de voorstelling niet, duidelijk wel. Singer-songwriter Bertolf Lentink is de komende maanden op toernee met een gelegenheidsformatie waarin hij en drie andere Beatle-gekken zich buigen over de laatste fase uit de carrière van The Fab Four. Written in Music zag Her Majesty, zoals de groep heet naar het slotnummer van de laatst opgenomen Beatlesplaat Abbey Road, zaterdagavond 11 januari in het BRESTheater in Brielle.

Lentink, Bauke Bakker, Gertjan van der Weerd en Dirk Schreuders spelen integraal Abbey Road, het laatst opgenomen Beatles-album. De plaat werd in het voorjaar en de zomer van 1969 gemaakt toen de vier al wisten dat ze als band zouden stoppen, maar nog één keer alles uit de kast wilden halen.

De rampzalig verlopen Get Back-sessies, voor het eerst opgenomen zonder producer, waren voorbij. De groep had gehoopt dat ze door ‘live’ te spelen, zonder producer, het ‘natuurlijke geluid’ van vroeger terug zouden halen en daarmee iets van de verdwenen magie. Maar het resultaat werd als te slecht (voorlopig) op de plank gelegd. Daarop werd George Martin gevraagd of hij alsjeblieft nog één plaat met de groep wilde maken. “Dat doe ik, als ik dan wel écht mag produceren,” zei de vertrouwde Beatles-geluidsman. Het resultaat werd Abbey Road, de laatste echte Beatlesplaat.

“Wij zijn geen Beatles-coverband,” maakt Lentink meteen bij aanvang van het concert duidelijk. Her Majesty draagt geen Beatles-pakken, geen Beatles-snorren en geen Beatles-pruiken. Ook zijn de vier leden niet elk gemodelleerd naar één specifieke Beatle. Zo neemt drummer Bauke Bakker vanzelfsprekend de partijen van Beatles-drummer Ringo Starr voor zijn rekening, maar doet hij ook de zangpartijen van Paul McCartney. Als je Abbey Road live gespeeld ziet worden, realiseer je je ineens hoe gehaaid de drumpartijen van Ringo Starr in elkaar zaten. Denk aan Come Together, Maxwell’s Silver Hammer of Polythene Pam.

Voor Oh Darling sloot McCartney zich destijds een week of drie op om de vereiste heesheid in zijn stem te krijgen. En om John Lennon af te troeven, die vond dat hij deze schreeuwsong beter kon zingen dan Paul. Drummer Bauke slaat zich er zonder drie weken retraite aardig doorheen.

Al geeft Her Majesty geen Beatles-show in de stijl van The Cavern Beatles of The Bootleg Beatles – zaterdag in Brielle door bezoekers afgedaan als ‘circusacts’- aan de aankleding wordt wel degelijk aandacht besteed. Niet alleen lopen de vier muzikanten het podium op via een Abbey Road-zebrapad, tijdens de set zijn op de achtergrond foto’s te zien van The Beatles. De groep heeft daarbij zeer precies gekozen voor de juiste foto bij het juiste nummer en is zichtbaar heel diep de archieven in gedoken. Zo zijn van de beroemde Abbey Road-foto zeker vijftien ‘outtakes’ te zien, zien we Harrison en Clapton samen in Harrison’s tuin tijdens Here Comes The Sun en -heel zeldzaam- een foto van John en Paul samen achter de microfoon in de kleding die ze dragen op de hoes van Abbey Road.

Minstens zo verrassend is Her Majesty na de pauze. “Natuurlijk hebben The Beatles prachtig solowerk uitgebracht. En het was ook niet voor niets dat George Harrison, die altijd moest opboksen tegen Lennon en McCartney, direct na het uiteenvallen van de groep een driedubbel-album uitbracht. Maar het is leuk om te fantaseren over hoe die nummers hadden geklonken als The Beatles wel bij elkaar waren gebleven. En hoe ze elkaar hadden beïnvloed in de nummers die we nu van hen afzonderlijk kennen.”

Abbey Road is nu het beste Beatles-album volgens Lentink en co. “Een album waar onder andere Maybe I’m Amazed, Instant Karma, Imagine en All Things Must Pass op staan, is dat misschien nog wel een beter album dan Abbey Road?, schrijven ze uitdagend op hun website.

Bewust heeft de groep de Phil Spector-arrangementen van Imagine (Lennon) en Wah Wah (Harrison) terzijde geschoven. In de droom van Her Majesty was George Martin gewoon de producer gebleven. It Don’t Come Easy, in werkelijkheid een door Harrison geproduceerde solohit voor Ringo in 1971, zou dan zijn begonnen met een distorted-gitaarintro van George, in de stijl van Let It Be. En Imagine klinkt meteen heel Beatle-achtig als er behalve piano ook gitaren en koortjes in te horen zijn.

Maar hoe zit het dan met How Do You Sleep en Too Many People, de in azijn gedoopte ‘odes’ die Lennon en McCartney in 1971 aan elkaar wijdden? “Die waren toch wel geschreven, maar de bandleden hadden genoeg relativeringsvermogen om over die kritiek heen te stappen.” Samen met Harrisons Wah Wah, diens eigen afrekening met het Beatles-zeer, verpakt Her Majesty die in een Abbey Road-achtige medley. “Jammer dat ze zich na de pauze beperkten tot 1970 en 1971,” reageert Briellenaar Raymond de Jong na afloop. Deze bezoeker had liever gezien dat de groep de fantasie had losgelaten op hoe een reünie in pakweg 1977 had geklonken, met zeven jaar aan solomateriaal om uit te putten. Maar zijn plaatsgenoot Paul Meijboom benadrukt vooral hoe de groep liefdevol met de nagedachtenis van The Beatles omgaat.

Back to Abbey Road, dat op toernee is sinds september, is nog tot eind mei te zien in zalen en theaters in Nederland.

Foto: Jaap Reedijk