Shabakamasi: De fraaie verrassing van Gent Jazz
Door op 18 juli 2017

Gig_title: Shabakamasi: De fraaie verrassing van Gent Jazz
Genre: Jazz, Alternative, Eigentijds
Loc_city: Gent
Loc_country: Belgie

De affiche van Gent Jazz is rijk en weldadig genoeg om nog een vers blik jazzgeweld aan te laten rukken. Enter: King Shabaka en zijn Ancestors en de Grote Vriendelijke Jazzreus Kamasi Washington. In hun kielzog: nog wat goed volk zoals drum & beat scientist Makaya McCraven, Robert Glasper Experiment en het werkelijk sensationele STUFF.. Daarom ook: Hoera!

Hoera!

Hoera! ook, omdat de Antwerpse broers Bert en Stijn Cools (Book Of Air,..) met Gentse basbroeder Dries Laheye van de partij waren. Hun Beestentijd scoorde bij ons net als hun wondermooie debuut Pracht hoge ogen. Dat heeft deels te maken met het intimistische karakter van de jongens en hun muziek. Stille waters, diepe gronden zeg maar. Voor hun set op Gent Jazz echter geen werk van hun albums, maar de wereldpremière van een volledig nieuw project Emimo waarin ze handen in elkaar slaan met electronicakunstenaar Hiele en het vierentwintigkoppige Litouwse Jauna Musica Choir.

Een erg eigenzinnige keuze dus, net als vele van hun andere Granvat projecten. Maar zo hoort het misschien ergens ook voor de winnaars van de Jong Jazztalent Gent Jazz Festival Award 2016.

De intieme, zijdezachte klanken maken deel van hun DNA, maar met die samples van een Litouws koor erbij werd al gauw uit een heel ander vaatje getapt. Zij brachten een verstilde jazzset, traag, dromerig en fantasierijk. Met vele ijle klanken waarin je al eens een vinylkraakje hoorde, maar evengoed verrijkt door de knisperende electronica van Hiele. Het trio, nu een kwartet, teert in grote mate op improvisatie, maar weet bijzonder intrigerende muziek te maken. Jazz, maar dan op een manier zoals u die nooit eerder hoorde. Zo zagen we Bert Cools zijn gitaar wat onorthodox als een cello bespelen, terwijl hij verderop een eerder sacrale folkinsteek bracht.

Opvallend ook: vrijwel geen pauze tussen de nummers, alsof de groep de hen toegestane tijd volledig wilde benutten en een totaalervaring wilden aanbieden. Begeleid door subtiele visuals liet Hoera voor een aandachtig luisterend publiek de kans niet varen om te bewijzen dat ze die Jong Jazztalent Gent prijs dik verdiend hadden.

Makaya McCraven

Na de set van Hoera! trokken we naar de Garden Stage voor beat scientist en potig drumbeest Makaya McCraven, die er drie uiteenlopende sets ten beste zou geven. McCraven, die eerder het album Split Decision uitbracht, werkte intussen al met een hele hoop grote namen samen, zoals onder meer met headliner Kamasi Washington. Al maakte de drummer uit Chicago vooral indruk met composities afkomstig uit In The Moment, waar hij ons ook in de Rataplan mee overrompelde.

McCraven, een erg lijvige drummer, was onlangs ook te gast tijdens de videoreeks die DJ Lefto maakte. Makaya licht in die reeks toe hoe Chicago een erg bedrijvige sfeer hangt waarin veel bands en artiesten (zoals onder meer ook de van Tortoise bekende gitarist Jeff Parker) gedijen. Zonder al te veel poespas vinden muzikanten elkaar en zorgen samen voor een aangename en productieve omgeving waarin creativiteit kan ontbolsteren.

Jazz, welzeker. Maar dan aangelengd met beats, met stevige scheuten hip-hop, guitige flarden funk en een positieve ingesteldheid. Opvallend: McCraven is een erg polyvalente drummer die van zachte tikjes tot het stevigere drumwerk kan gaan. Deels terend op improvisatie liet hij in verschillende sets horen hoe hij aan de slag gaat met de meest uiteenlopende invloeden (gaande van klassieke invloeden als Miles Davis en John Coltrane tot moderne helden als Wu Tang Clan, Digable Planets,..) en zorgde hij wederom voor een meer dan bijzondere ervaring op Gent Jazz.

Makaya McCraven

Makaya liet zijn pretty wacked out drumskills de vrije loop en dat bekoorde duidelijk het aanwezige publiek. Hij ging ook aan de slag met door elektronica gestuurde samples en improviseerde vrijelijk van het ene naar het andere hoogtepunt.

Zo trapte hij zijn eerste set af met een vrije herwerking van Coltrane’s After The Rain, maar gebruikte dat aanloopje slechts om tot eigen werk te komen. Met de trompetsounds van Marquis Hill, de solide bas van Junius Paul en het bluesy gitaarwerk van Matt Gold kreeg hij al gauw het publiek op zijn hand. Ook tijdens zijn latere sets viel op hoe het publiek maar al te graag naar de Garden Stage terugkeerde om er McCraven aan het werk te zien. Wij onthouden vooral zijn immense polyvalentie : enerzijds behield hij de aandacht, anderzijds was hij vrijgevig genoeg om ook zijn collega’s zoals trompettist Marquis Hill te doen schitteren.

The Robert Glasper Experiment

Intussen was Robert Glasper aan zijn set begonnen. Voluit heet dat dan The Robert Glasper Experiment, een wat uitgebreidere setup dan zijn trio. Glasper werkte zich onlangs in de kijker met een neo soul ode Miles Davis, maar verwierf natuurlijk vooral bekendheid met Black Radio waarop hij jazz, r&b en hiphop combineerde met gospel.

Glasper, die vooral op de piano en keys tekeer ging, liet zeker geen slechte indruk na, al zou je wel kunnen opmerken dat diens muziek soms net iets teveel richting muzak aanschurkte, hetgeen deels te wijten is aan de vocoder stemmetjes van vocalist Casey Benjamin (die ook nog eens de saxofoon en de keytar hanteerde). Samen met zijn collega’s bracht Robert Glasper een steriel klinkende set met onder meer achtergrond loungemuziek die zo lui en mellow van aard was dat het de luisteraar soms recht de slaap in sukkelde.

Zo viel ons vooral op dat er weinig fut in de groep zat. Wat hij of zijn band ook probeerden, er kwam maar bitter weinig respons uit de zaal. Op Benjamin na had je niet echt de indruk dat deze groep zich daadwerkelijk amuseerde. Veeleer leek het op een verplicht nummertje. Naar het einde van de set kwam er iets meer vaart, maar ook dat bleek een maat voor niets. Een streepje Sade (Sweetest Taboo) hoorden we, evenals een flardje If I Was Your Girlfriend (Prince) en om af te ronden een hemeltergende cover van Smells Like Teen Spirit (Nirvana).

Glasper gaf tijdens zijn set op Gent Jazz helaas niet de indruk écht voluit gegaan te zijn. Meer zelfs, als er iemand de show écht stal tijdens diens optreden was het wel drummer Justin Tyson die de drumgrooves lustig rond spreidde.

Tegen dan trokken we terug naar de side stage waar onze drumvriend Makaya McCraven alweer van jetje zat te geven (”this festival is dope”, zo introduceerde hij zijn set). De Garden Stage liep weer snel vol, wat de aantrekkingskracht van de vrije improvisatie van McCraven beklemtoont. De 2de set van McCraven deed de al te mellow sounds van Glasper verteren en bleek een goede voorbode voor de prikkelende electronicastuff van .. welja STUFF. dus.

STUFF.

Mogelijkerwijs is het net iets te vroeg voor een supersterrenstatus, al hebben we hier wel degelijk duidelijk te maken met een band op de doorgroei. Ooit ontstaan uit maandelijkse jamsessies in de White Cat in het Gentse Patershol, nu rijp om het Europese continent verder te veroveren. Het moge duidelijk zijn dat het Gents-Antwerpse STUFF. een van dé meest opwindende revelaties in jazzland is. Hot Stuff dus. Al enige tijd overigens. Zo mochten we hen maar al te graag meemaken op Jazz Middelheim vorig jaar. Recent maakten ze dan weer een zeer gesmaakte beurt in De Singel en op Best Kept Secret Festival. Al met al oogt hun agenda met de dag internationaler en als het hen aan henzélf ligt evengoed nog net iets interplanetairder.

STUFF. live meemaken is dan ook behoorlijk overweldigend. Niet voor niets is hun old dreams, new planets een van onze meest favoriete albums binnenland van dit jaar (naast Hoera! overigens). Hun grote aantrekkingskracht is de dwarse, onstuitbare live dynamiek. Dat bruist van energie, van speeldrift. Ook hier weer: de heren draaien niet zomaar hun jazz fusion plaatje, maar trachten zo goed mogelijk de volledig vrije spirit en de feelgood vibe live weer te geven. En dat er dan overal geluidjes te vangen zijn van waar ze zich soms zelf afvragen waar die juist vandaan kwamen, maakte het er alleen maar wat gezelliger en boeiender op.

We kregen een bijzonder straffe, verfrissende set met sci-fi psychedelica, waarin STUFF. alleen maar het allerbeste bovenhaalde en het stof van de Belgische jazzgeschiedenis blies. Dit was hybride liefde voor oude en moderne technologie. Strak gedaan, jongens. Al van bij aanvang bleek hoe vol zelfvertrouwen zij waren. Met Lander Gyselinck hebben ze een wonder van een drummer in huis en met de met een zonnebril getooide Dries Laheye liet zijn meest funky baslijnen horen.

STUFF.

Verdere troeven? hun electronicagetinte sound met zwierige grooves, al bleef het wel organisch en was er meer dan voldoende ruimte voor wat forse improvisatie. Minstens zo bijzonder is geheime wapen Mixmonster Menno en de EWI (Electronic Wind Instrument) van de erg beweeglijke Andrew Claes die mee het specifieke STUFF. geluid bepaalt. En niet te versmaden de keys van Joris Coluwaerts.

Hun mix van electronica fusionjazz meets funk, soul en hiphop (met invloeden van o.a. Weather Report) is onweerstaanbaar en nodigt uit tot dansen. Hoogtepunten, vraagt u? Een ronduit kolkend Strata dan maar of Colibri (vogels vangen voor gevorderden, dat dan weer wél), al plukten ze ook wel wat uit hun heerlijk debuut. Begeleid door een stevige lichtshow bracht STUFF. veel spektakelwaarde, al waren er ook iets lichtere sfeermomenten. Deze jongens zijn klaar voor meer buitenlandse avonturen, zoveel was duidelijk. Benieuwd welke onverwachte wendingen hun al stevig gelanceerde carrière nog gaat nemen. Space is the STUFF. Place !

De groep was dankbaar voor het talrijke publiek dat collectief in een spacey trip ging. Op het einde leek het wel of ze heel even terug in de zweterige White Cat in het Patershol zaten te spelen, waar alles op ontploffen leek. Een stevige bisronde volgde nog. Game, set and match voor STUFF. dus.

Kamasi Washington

En toen was het de tijd voor Mr. Kamasi Washington, eminent lid van de West Coast Get Down, die je zo zou omarmen. Een warme mens, een spirituele soul brother die slechts love, harmony and peace predikt. Net zo warm en spiritueel is diens muziek, al gaat dat ook gepaard met een stevige portie rebellie. Zo kleurt de muziek van Kamasi Washington een beetje mee de soundtrack van de Black Lives Matter beweging in de States.

“Let’s have some fun”, zo opende hij zijn set. Met maar liefst twéé drumsets en veel peper in zijn saxofoon bleek al snel dat het publiek gulzig uit zijn handen at.

“Washington is belangrijk voor het festival”, zo liet festivalorganisator Bertrand Flamang eerder al verstaan. Voor het eerst komt er een heel uitgesproken heldenfiguur in de jazzwereld in beeld, iemand om letterlijk naar op te kijken. Een stevig uit de kluiten gewassen headliner quoi, al ontleent ie wel deels zijn reputatie aan zijn hand- en spandiensten bij Kendrick Lamar (To Pimp A Butterfly), Snoop Dogg en Flying Lotus en aan de ronduit bombastische epiek van zijn album. Op zijn beurt zet hij op plaat (The Epic) dan weer de spotlights op artiesten als bassist Thundercat (in het najaar in De Roma), bassist Miles Mosley (die eerder op Gent Jazz te zien was) en een hemelse vocalist als Dwight Trible.

Washington stond al eens eerder op Gent Jazz, maar liet daar als we het goed voorhebben een net iets te makke indruk na. Dat kan natuurlijk ook gelegen hebben aan het feit dat hij voor een zittend publiek speelde. Deze keer ging hij er op de Main Stage, voor een staand in plaats van een zittend publiek, ook net iets té voluit voor. Nu, niets tegen een artiest die je zin doet krijgen om mee dat podium op te klauteren en een stukje vrolijk mee te toeteren. Maar iets meer nuance en subtiliteit hadden niet echt misstaan.

Het meest kenmerkende zijn die ellenlange nummers. Bombast, epiek,.. het is eigen aan Kamasi. Maar tezelfdertijd gaf hij veel ruimte aan anderen ; zo was er een leuke guest spot voor zijn vader Ricky Washington (dwarsfluit, sopraansax). Ook zijn medemuzikanten, zoals drummers Jonathan Pinson en Robert Miller, trombonist Ryan Porter, pianist Brandon Coleman, bassist Joshua Crumbly, gaf hij meermaals de nodige ruimte voor soms erg lang uitgerokken solo’s (drum, bas en keys). Die haalden sterk de vaart uit zijn set.

Jonathan Pinson

Uiteraard greep hij met tracks als Askim,.. grotendeels terug op The Epic, goed voor dik drie uur muziek!, maar wat waren we blij dat hij ook wat nieuw werk aansneed zoals het door Brandon Coleman gepende en met de soulstem van Patrice Quinn verrijkte Black Man. Toegegeven: al bij al bleef het bij een enkele, zij het lang uitgerokken flits.

Washington greep de kans gelijk aan om wat nieuwe gezichten in zijn groep aan de wereld te laten zien, wat dan weer zijn voorkeur voor die solo’s zou kunnen verklaren. We zagen veel lachende gezichten op dat podium, inclusief keyboardist Coleman die voor “hot funk sauce” zorgde. Washington & co waren diep vereerd om op dit prachtige festival hun kunnen nogmaals te bewijzen. En het publiek kwam en masse opdagen om die hedendaagse jazzgigant aan het werk te zien.

Desalniettemin moeten we aanstippen dat Kamasi Washington eigenlijk niet echt die absolute sterrenstatus waard was. Héél even maar kregen we een flard fenomenale jazzmagie aangeleverd. Hij speelde met veel bezieling, maar ons favoriet moment uit zijn hele set bleek een enkele, heel mooie, intieme solo op saxofoon. Te weinig om een headliner slot te verantwoorden.

Héél even dachten we overigens dat King Kamasi zich aan een heuse stagedive zou wagen, maar helaas. Derde keer, goede keer, Kama? Deal?

We trokken als toetje nog naar de Garden Stage, waar eigenlijk de enige échte headliner van Gent Jazz festival stond. Enter: King Shabaka en zijn Ancestors. Weet u, het zweet droop nog van ons af na die recente feestjes met Sons Of Kemet (Rataplan) en The Comet Is Coming (AB). En dan vraag je jezelf wellicht af: hoe in godsnaam houdt die mijnheer Hutchings dat eigenlijk vol?

Shabaka And The Ancestors

Dat onophoudelijk op tournee zijn vraagt niet alleen bakken energie, maar dat de veelgevraagde tenorsaxofonist Shabaka Hutchings telkens wéér met die kamerbrede smile van hem het podium opklautert, zegt misschien wel véél meer dan de muziek an sich, al is die nog zo zoet en waan je jezelf ermee diep in Johannesburg, South Africa.

Nul pose, dat klopt. Hutchings en co brengen gewoon beestig goede spirituele jazzmuziek, die diep geworteld is in een rijke traditie, zoals onder meer blijkt uit het veelgeprezen, in één enkele dag in Johannesburg opgenomen Wisdom Of Elders!, maar desalniettemin o zo modern en hedendaags naar buiten komt. De Londense saxofonist Shabaka is een hedendaagse erfgenaam van verlichte jazzgiganten als Sun Ra en John en Alice Coltrane en vertaalt die naar zijn multiculturele leefwereld.

Jazz, maar dan van wereldklasse. Zijn wortels liggen deels in de Caraïben (meer bepaald in het paradijselijke Barbados), deels in het multiculturele London. Dat geeft al aan dat identiteit een belangrijk issue voor hem is. Dat hoor je volop aan de songs op zijn albums. Hutchings voelt zich echter vooral een wereldburger. Hij laat zich beïnvloeden door academici, maar even goed door romanschrijvers. Hij reist veel en doet volop indrukken op, die weergaloos tot uiting komen in zijn werk (bvb. The Observer).

Shabaka And The Ancestors

Samen met zijn Ancestors deed hij een zalig stukje Afrika in Gent ontstaan. Een rijke geluidenwereld waarin je niet enkel de muzikale geschiedenis van de Ethiopische jazzster Mulatu Astatke maar ook de invloed van Orlando Julius en zijn Heliocentrics ontwaarde, maar evengoed genoet van zoete, zwoele jazzvibes. Rond zich had hij een hemelse bende Zuid-Afrikaanse muzikanten rond zich verzameld. Mee aangevuurd door trompettist Mandla Mlangeni brengt Hutchings muziek die urgent klinkt. Hedendaags, maar universeel Afrofuturisme, zoals onder meer te horen was tijdens nummers als Joyous.

Halverwege kon de pret niet op toen eerst Ricky Washington in de coulissen zijn opwachting maakte. Het duurde even, maar Shabaka liet hem maar al te graag een stukje meetoeteren. En alsof dat niet genoeg was kwam ook Kamasi Washington zich nog even moeien!!

Dat lichtte hij maar al te graag toe. Op een festival gaat het om verbroedering, om banden smeden. Zo zag hij, wiens roots deels in de Caraïben, deels in London liggen er geen graten in om kennis te maken met de West Coast Jazz sounds van Kamasi Washington. En nu de mogelijkheid zich aandiende maakte hij er maar al te graag gebruik van.

Shabaka and the AncestorsWat een weergaloos en uitzinnig feest brouwden Hutchings en co toch weeral ! Nadat Hutchings eerder met Sons Of Kemet Gent Jazz op stelten zette, deed hij dat hier met zijn Ancestors nog eens rijkelijk over. Met passie en volledig bezield om echt élke fan overstag te doen gaan, bracht hij een weldadig hoogtepunt op een rijkelijk gevulde dag.

Tussendoor hoorden we tribal percussie en ook rijke poëtische gedachtenstromen die soms pamfletterig leken (”the republic of the mind, the republic of the heart”,.. om te eindigen met het verstillende “Black Lives Matter”) en soms duidelijk politiek getint waren (een oproep tot een gelijke behandeling van vrouw en kind en kritiek op materieel bezit). Toch sloeg de boodschap erg aan, onder meer dankzij die geweldige geleider die muziek heet.

Hutchings bracht met zijn muziek voedsel voor de ziel. Geen posh commercieel menu, maar waarachtige, diep spirituele comfort food voor eenieder die luisterde. Een heerlijk concert om deze fijne festivaldag mee af te ronden. Een magistraal hoogtepunt.

Het stond in de sterren geschreven dat met een dergelijke, haast waanzinnige line-up het een geweldig feest zou zijn. Zij die er bij waren kunnen dat enkel bevestigen. Op deze festivaldag hoorden we zowel Amerikaanse als Britse jazz en een hele hoop mengvormen en varianten. Om te onthouden: jazz en andere electronicagetinte genres (funk, hip-hop,..) vlijen zich steeds dichter tegen elkaar aan en vormen mee het jazzgeluid van nu. En niet te vergeten : de toekomst van de Belgische jazz is onder meer met Hoera ! en Stuff ! zeker mee verzekerd, maar er waren tijdens het festival talloze andere voorbeelden (o.a. Labtrio, Schntzl,..) van jong Belgisch jazztalent te vinden.

En dan hebben we nog heuglijk nieuws, want niemand minder dan Steiger won de Jong Jazztalent Gent Award 2017. Zij zullen dus volgend jaar te zien zijn op Gent Jazz. Ook de nog jonge band Hast viel in de prijzen.

Steiger

Foto’s: Bruno Bollaert & Geert Vandepoele