Marcos Valle; De surfdude van de bossa nova (2/2)
Door op 02 september 2014

Deze zomer brengt Written in Music een langdurende special over de bossa nova, naast de samba de meest populaire muziek uit Brazilië. Uit welke culturele en sociale voedingsbodem ontstond bossa nova en welke songschrijvers en muzikanten maakten deze opvallende muziekstroming van de laat jaren 50 wereldberoemd? Deze week in deel 13: Interview met Marcos Valle (in 2008) deel 2

WiM: Is het maken van albums nu heel anders als vroeger?
Op een of andere manier voel ik minder druk als vroeger. Natuurlijk wel even bij mijn terugkeer album maar daarna ging het eigenlijk als vanzelf. In het begin van mijn carrière was dat wel anders, vooral ook omdat zoveel mensen zich ermee wilden bemoeien. Ik werd dan wel goed begeleid, was ik er me soms niet eens bewust van hoeveel druk er op stond, maar ik heb tegenwoordig veel meer het idee dat ik in charge mag zijn. Ook gebaseerd op mijn verleden en kennis van zaken.

WiM: Als je erbij nadenkt dat we morgenavond het 50 jarig jubileum vieren van de bossa nova en jij tot een van de artiesten wordt gerekend die de bossa mede op de muziekkaart hebben gezet, hoe voelt dat dan?
Heel raar eigenlijk..(..lacht..)…maar tegelijkertijd ook goed. Ik voel me niet zo oud als ik ben (..lacht..) en denk altijd dat ik pas in de bossa begon toen Jobim al jaren bezig was. Maar er zijn gelukkig genoeg mensen die me er op attent maken dat ik op 19 jarige leeftijd al componist van het jaar werd genoemd in Brazilië en dat dan vooral op basis van Sonho de Maria die het legendarische Tamba Trio tot een hit hadden weten te bouwen. En dat was in het jaar 1962 en toen was bossa nova door zovelen en vooral door Jobim en deMoraes al goed op de muziekkaart gezet. Ik mocht op hun succes meeliften.

WiM: Je schreef in die beginjaren heel veel songs samen met je broer Paulo Sergio.
Mijn broer, die 3 jaar ouder is, en ik waren in die periode al heel erg close en ik had altijd wel melodieën in mijn hoofd maar kon er absoluut geen teksten bij krijgen. Paulo was daar juist geweldig in. We voelden ons als een Jobim/deMoraes connectie. In die periode, maar ook later, schreef mijn broer vele teksten voor mijn songs. Ook voor (So Nice) Summer Samba bijvoorbeeld.

WiM: Op je 19de al genoemd worden als belangrijkste componist van het land en op je 20ste je eerste album opnemen lijkt me ook spannend.
Samba DemaisHet waren heel andere tijden. De bossa nova maakte in die periode een enorme opmars en bijna elke talentvolle artiest werd aan het werk gezet om albums met nieuwe bossa songs op te nemen. En er waren altijd muzikanten en orkesten in de studio’s aanwezig om je te helpen dus die albums waren nog snel klaar ook. Iedereen zat er echt bovenop en was altijd hyper enthousiast om weer opnamen te mogen maken. Ik denk dat je dat ook heel erg hoort aan de opnamen uit die tijd. De frisheid en spelvreugde en die heerlijk romantisch zoete lome sfeer. Ik ben ook altijd nog heel trots op mijn albums uit die periode. Met mijn eerste album Samba Demais als een van de favorieten.

WiM: Dat album en ook Samba 68 worden nu als bossa klassiekers gezien..
Dat is natuurlijk een heel mooi gegeven. Dat je onderdeel bent geweest van een genre wat zo Braziliaans gebonden is en een heel genre op zich. Ik kan je zeggen dat wij Brazilianen in die tijd ook echt zoiets hadden van ‘dit is van ons en wij zullen wereld laten zien dat wij heel goed zijn’ (..lacht..). Wij wilden degenen zijn die bossa nova over de wereld zouden brengen en niemand anders. We wisten dat anders misschien de Amerikanen het van ons af zouden pikken en zoals de geschiedenis ons leert hadden grote Amerikaanse sterren als Frank Sinatra, Sarah Vaughan en Stan Getz juist ons nodig om hun opnamen met bossa songs te maken.

WiM : Over Amerika gesproken. Jij was ook daar al snel te vinden.
Een jaar na mijn eerste album vroeg Sergio Mendes, die ondertussen al naar Los Angelos was verhuist, of ik met hem en Brasil 65 op tour door Amerika wilde. Tijdens die tour werd ik voorgesteld aan de halve jazz wereld. Een enorme ervaring natuurlijk. En het was te gek om te zien dat er daarna ook heel muzikanten mijn songs gingen opnemen. Organist Walter Wanderley maakte van (So Nice) Summer Samba enkele jaren daarna (1966) een grote Amerikaanse hit en daarna kon ik al snel allerlei dikke platencontracten in Amerika tekenen.

6a00e008dca1f08834014e887f9fa8970d-800wi

WiM: Werd je dan optimaal aangestuurd door platenmaatschappijen om die bossa of samba sound te vercommercialiseren?
Natuurlijk wilden ze me graag een hoek induwen maar ik leerde mijn contract dan gewoon niet te tekenen. Warner wilde een instrumentaal album van mijn songs uitbrengen, die ik dus voor hen opnam, het album  Braziliance en ook volop promootte, maar ik wilde eigenlijk wat anders maken en ik wilde absolute muzikale vrijheid hebben. Mijn eerste echte Amerikaanse deal was met Verve en het album wat er uit voort kwam was Samba 68, dus als dat nu als klassieker wordt gezien, heb ik het goed gedaan (..lacht..). Ik was al ingevoerd in de Amerikaanse manier van muziek maken en vermengde deze met mijn Braziliaanse manier. Mijn eerste 2 albums voor het Braziliaanse platenlabel Odeon waren in Amerika slecht te krijgen en ik kon dus een aantal songs op dat album zetten in nieuwe arrangementen en dat werkte erg goed uit. Belangrijke bijdrage aan mijn album kwam van mijn toenmalige vrouw Anamaria die de backing vocals deed, moet ik er heel eerlijk bij zeggen.

WiM:  Ondanks het succes van het album ging je toch steeds terug naar je thuisland.
Het was steeds om andere reden. De eerste keer was ik bang om uitgezonden te worden naar Vietnam omdat Amerika daarmee in oorlog was en iedereen gerekruteerd werd. En de tweede keer kreeg in Brazilië de revolutionaire Tropicalismo stroming zijn start kreeg en tal van vrienden zagen mij graag terugkomen om daar onderdeel van uit te gaan maken.

WiM: Vervolgens werd je opgeslokt door de Tropicalismo?
Marcos ValleNou ja, opgeslokt is misschien wel weer wat veel gezegd maar ik raakte wel uitermate geïnspireerd en schreef ineens heel andere songs. Ik ben nog steeds verbaasd over het bed-album wat eigenlijk gewoon mijn naam heeft, maar door de cover foto zo genoemd wordt. Als ik het nu terug hoor vind ik het nog steeds heel spannend klinken in vergelijking met mijn werk van daarvoor maar nog niet zo volgroeid als de albums Garra (1971) en Previsao do Tempo (1973) die daarna zouden volgen. Daar ben ik hel erg trots op. Ik denk zelfs dat ik dat mijn best albums vindt. Misschien een beetje raar om te zeggen over je eigen albums.

WiM: Nou eigenlijk niet, want de tijd heeft bewezen dat het ook echt klassiekers zijn.
Misschien heeft dat dan wel met de leeftijd te maken dat je terug gaat kijken en dat je dan ineens ergens heel trots op kunt zijn.

WiM: Je had een heel spannende begeleidingsband in die periode…
Op toetsen was dat Jose Roberto Bertrami, Alex Malheiros op bas en Ivan Conti op drums speelden allemaal mee ook op het album Previsao Do Tempo (1972). Het grappige is dat we die jazzrock sound van het album een soort van tijdens het opnemen ontdekten en er gelijk helemaal gek van waren. Joe van Far Out vertelde me later dat juist dat album zo’n geweldige invloed heeft gehad op de acidjazz scene van de laat jaren 80. Wel grappig trouwens dat mijn 3 heldenmuzikanten van dat album later onder de naam Azimuth, naar een van mijn songs, en later onder de naam Azymuth op geheel eigen wijze vervolgens muzikaal de wereld veroverden.

WiM:  Rond die periode werd je ook voor het eerste benaderd om voor tv muziek te maken.
Ik maakte in die tijd een flinke klap geld aan het maken van muziek voor telenovellas en commercials. Grappig eigenlijk dat daar in het buitenland zo laatdunkend over gedaan wordt. In Brazilië doen we allemaal commercials, of je nu Pele of Ceatano Veloso heet, en we verdienen er goed geld mee zodat we mooie muziek kunnen maken of in ons onderhoud mee kunnen voorzien. En het is nog heel leuk werk ook.

WiM: Maar dat deed je vooral in Brazilie. Je woonde ook een lange periode weer in Amerika.
Ik heb inderdaad in de jaren 70 en 80 perioden in Amerika gewoond en daar ook heel veel muziek gemaakt. Eerst woonde ik in New York maar ik miste al snel de zon en verhuisde naar Los Angelos waar ik met de meest waanzinnige artiesten kon samenwerken. Zo kreeg ik de mogelijkheid om te werken met The Beach Boys, Chicago, Sarah Vaughan en zelfs Quincy Jones. Het was een prachtige tijd. Misschien wel mijn meest geliefde samenwerking is trouwens met rhythm & soul man Leon Ware. De man had net zo’n groot talent als iemand als Marvin Gaye, maar dus net niet die uitstraling en het geluk wat Gaye wel had. Natuurlijk schreef Ware ook songs voor Marvin, of nam Gaye songs van hem op, maar vreemd genoeg lukte het Ware maar niet door te breken. Een beetje een verhaal zoals met Donny Hathaway eigenlijk. Met Leon schreef ik geweldige songs en we waren zeer aan elkaar gewaagd. Ik speel ook mee op de albums die hij voor platenlabel Elektra maakte gedurende de jaren 70.

WiM: En vanaf de jaren 80 weer terug in Rio?
Ik zal altijd een Carioca (inwoner van Rio) blijven! Begin jaren 80 maakte ik nog 3 albums maar ik concentreerde me daarna op mijn tv werk wat ik in Brazilië voor handen kreeg en er was zo genoeg geld om de rekeningen te betalen. Natuurlijk ben ik er nog wel steeds heel dankbaar voor dat ik eind jaren 90 Joe en Far Out leerde kennen natuurlijk. Zo’n prachtige nieuwe kans om weer optimaal muziek te kunnen maken is niet voor iedereen weggelegd.

Discografie:

  • Samba Demais (1963)
  • O Compositor e o Cantor (1965)
  • Samba 68 (1968)
  • Viola Enluarada (1968)
  • Mustang Cor de Sangue (1969)
  • Marcos Valle (1970)
  • Garra (1971)
  • Vento Sul (1972)
  • Previsão do Tempo (1973)
  • Vontade de Rever Você (1980)
  • Marcos Valle (1983)
  • Tempo da Gente (1983)
  • Nova Bossa Nova (1998)
  • Escape (2001)
  • Contrasts (2003)
  • Jet Samba (2005)
  • Conecta: Ao Vivo no Cinematheque (live) (2008)
  • Página Central (2009)
  • Estática (2010)
  • Valle Tudo (2011)
  • Anos 80 (Discobertas) (2012)
  • Ensaio (2012)
  • Ao Vivo (with Stacey Kent) (2013)