Dinosaur en de natuurlijke muzikale progressie
Door op 15 augustus 2018

Band: Dinosaur
By: Dick Hovenga
Label: Edition Records

Met hun tweede album Wonder Trail heeft het Britse jazzkwartet een wonderbaarlijk grote muzikale stap vooruit gemaakt. Een album dat met z’n progressief en meer synthesizer gedreven sound echt anders klinkt dan hun met een Mercury Prize genomineerde debuutalbum Together, As One. De band speelde al wat snelle releaseconcerten vlak nadat het nieuwe album uit kwam maar zal vooral in het najaar optimaal de wereld over gaan reizen. Omdat ze ook op de 2018 editie van North Sea Jazz zullen staan (als onderdeel van de 10de verjaardag van hun platenlabel Edition Records) kwam de mogelijkheid om de band, in dit geval met trompettiste Laura Jurd, te spreken uitstekend uit.

dinosaur22

Dat gesprek vindt plaats tussen de vele concertdata met Dinosaur en die met Jasper Hoiby’s Fellow Creatures, waar Jurd al vanaf het prille begin bij betrokken is. ‘Met een nieuw album uit zijn het weer extra drukke tijden’, vertelt Jurd. ‘En als ik niet op tour met de band of met Jasper ben zijn er altijd weer projecten te doen in Londen, die ik niet wil missen. Zoals afgelopen week nog met Moss Freed, die een grote groep Britse jazzmuzikanten (waaronder ook George Crowley, James Maddren en Liam Noble) bij elkaar bracht om een nieuw project gebaseerd op improvisatie bijeen te brengen en daarmee op tour te gaan. En dat wil ik natuurlijk ook niet missen. Als jazzmuzikant blijft immer het avontuur roepen en improvisatie blijft de basis van muzikale progressie. Naast al die drukte geef ik natuurlijk ook nog les, dat is dan weer de basis van mijn financiële bestaan (lacht) en wil ik ook nog een zoveel mogelijk normaal privéleven hebben natuurlijk’. (Jurd trouwde dit voorjaar met Dinosaur toetsenman Elliot Galvin.red)

Afgelopen jaar was een heel speciaal jaar voor Dinosaur. Natuurlijk was het genomineerd worden voor de Mercury Prize een heel speciale, vooral met een band als GoGo Penguin in het achterhoofd. De nominatie betekende voor dat trio uit Manchester, afkomstig uit de jazz maar doorgegroeid in de electronic, de ware doorbraak. ‘Het blijft een opvallend gegeven dat we voor de Mercury Prize genomineerd werden’, vertelt Jurd. ‘Er worden maar weinig jazz muzikanten genomineerd, de prijs is behoorlijk door alternatieve muziek gedreven. Vandaar dat we vereerd waren en wisten dat we nu ook meer belangstelling vanuit andere muziekhoeken zouden krijgen. Niet alleen van het publiek maar ook van de pers en dat is altijd fijn voor een band die net een debuutalbum heeft uitgebracht. De cross-over naar een echt ander publiek, en naar de niet door jazz gedreven festivals is nog wel wat uitgebleven, maar ik denk dat dit zo maar nog zal kunnen gebeuren. We wijken met ons nieuwe album nu ook wat van de jazz af natuurlijk. Niet dat, dat een bewuste keus was trouwens. Zoals je weet spelen wij vieren (naast Jurd zijn dat (sinds kort, partner) Elliot Galvin op toetsen, Connor Chaplin op bas en Corrie Dick op drums) al heel lang met elkaar. Eerst ging dat als band onder mijn naam maar nadat we echt grote muzikale plannen kregen werd dat Dinosaur. (Helaas wordt daar soms nog wel eens Laura Jurds Dinosaur van gemaakt, alsof het toch mijn band is, wat absoluut niet zo gezien moet worden….). Als je zo lang met elkaar speelt moet je jezelf en elkaar blijven uitdagen. Ik kan sowieso slecht blijven hangen in bekend materiaal, daarom ben ik geen muzikant geworden. Onszelf en dus ook het publiek verrassen zit in het DNA van Dinoaur en zal niet veranderen’.

‘Nadat we met ons vorige album flink wat optredens door Engeland en het vasteland van Europa hadden gegeven zijn we eens goed gaan zitten’, vervolgt Jurd. ‘Elliot had heel coole ideeën over de sound van het nieuwe album. Waar hij het eerste Dinosaur album vooral Fender Rhodes speelde wilde hij heel veel nieuwe geluiden, vooral uit de synths, in het nieuwe album gaan stoppen. Wij sloten ons er gelijk bij aan dat we op het tweede album echt wel flink muzikaal verder mochten gaan, flink wat progressie mochten laten horen. En al snel bleek dat we met het schrijven en daarna opnemen van de nieuwe composities alles nog wat verder doortrokken als we vooral in ons hoofd hadden. De sound werd flink wat steviger, waarop vooral Conor en Corrie lekker stevig doorduwden. Waarover alle coole synth- en toetsengeluiden van Elliot dan nog weer beter uitkomen. Ook mijn trompetspel veranderde daardoor. Vaak wat dwarser en prominenter dan voorheen, en dat bevalt me uitstekend. Ik denk dat voor sommige mensen het nieuwe album wat extra beluistering nodig heeft maar dat maakt muziek en albums op de langere termijn toch altijd alleen maar interessanter. Nu ook de sound van het album naar het podium verplaatsen en dat zal nog wel even een flinke klus worden. We werken niet met een vaste geluidsman dus zijn vaak aangewezen op de man op locatie en met alle pedalen en vervormers die we gebruiken betekend een goede soundcheck alles. Als we iets niet willen is dat de nieuwe songs niet zo prikkelend overkomen als we ze hebben opgenomen natuurlijk’.

laura

We krijgen het over de explosie van de Britse jazz scene en het effect die deze heeft op het jazz wereldbeeld. ‘Het is grappig dat wij ons geen deel vinden uitmaken van die hippe Londense scene die momenteel zoveel indruk maakt, maar toch worden we er vaak bij ingedeeld, opvallend genoeg. Onze muziek is niet zo direct op energie gedreven en zo duidelijk aan hiphop en soul gelinkt zoals je in die oostelijk Londen scene ziet. Er zijn in Engeland ook zoveel verschillende jazzlichtingen dat je nooit van één jazzscene kan spreken eigenlijk. De Oost-Londen scene, voor het grootste gedeelte vanuit de Total Refreshment Center ontstaan en met grote hulp van Gilles Peterson en zijn mensen van Brownswood Recordings opgepakt, staat zo weer haaks op de Manchester scene rondom Matthew Halsall en zijn Gondwana Records. Edition Records, het label waar wij op zitten, zit dan weer in midden Engeland (Hungerford, bij Bath) en heeft met Dave Stapleton aan het roer dan weer een heel andere jazzdrive. En al die jazzscenes kunnen prima naast elkaar bestaan. Met Dinosaur zijn we op zoek naar welke muzikale wegen we kunnen bewandelen. We zijn ook meer een luisterband dan een band om op te bewegen, dansen. We zoeken die swing ook niet op, wel een groove maar we houden er ook van deze dan bruut te onderbreken. Die electronic kant van ons op Wonder Trail voelt voor ons allemaal goed maar biedt vooral live een uitdaging omdat de sound op ons album een behoorlijk robuuste en progressieve is. Ben heel benieuwd waar dat ons op het volgende