De toekomst is voor BadBadNotGood
Door op 11 december 2016

Band: BadBadNotGood
Genre: Jazz

Eigenlijk had de titel net zo goed de ondertitel ‘Hoe de band met die wel vreemdsoortige bandnaam toch de wereld kan veroveren’ kunnen hebben. Want een vreemde bandnaam dat is het, hoewel de bandleden zelf zeggen dat je er niets vreemds achter moet zoeken en het gewoonweg lekker bekt. Duidelijk is de laatste jaren echter net zo goed geworden dat de bandnaam geen enkele belemmering is geweest om een zeer belangrijke en populaire band te worden en een markant oeuvre op te bouwen. Want zo mogen we de vijf albums die het uit Toronto afkomstige trio, tegenwoordig kwartet sinds het officieel toetreden van saxofonist Leland Whitty, tot nu uitbracht, zeker noemen. De band zoekt de grenzen van jazz met invloeden uit de hiphop en schurende electronic en heeft daar een geheel eigen en zeer trouwe groep volgelingen in gevonden die steeds groter wordt. Met het net verschijnen van hun vijfde album, simpelweg IV geheten omdat hun vorige album een samenwerkingsproject met rapper Ghostface Killah was, meer dan genoeg reden om de band eens uitgebreid te spreken.

We spreken met bassist Chester Hansen die in 2010 met toetsenman Matthew Tavares en drummer Alexander Sowinski de band oprichtte. ‘Het is inderdaad wel allemaal heel snel gegaan als je bedenkt dat we nog maar 6 jaar bestaan’, vertelt hij. ‘En na zes jaar al aan je vijfde album toe zijn is ook wel heel snel. Maar wij hebben platenlabels gevonden die onze albums op de door ons aangegeven tijd willen uitbrengen. Niet zoals je van zoveel bands hoort, dat deze een tijd door een platenlabel op de plank worden bewaard omdat de band hun vorige album nog niet genoeg getoerd hebben. Dat zou onze creativiteit tekort doen. Net als een platenlabel dat ons een bepaalde kant opduwt niet voor ons weggelegd is. Wij houden van de vrijheid om te doen en laten wat we willen. Zo vonden we dat we na drie volwaardige BBNG-albums nu eindelijk ook maar eens een echt hiphop-project moesten gaan doen. Wij hebben altijd een groot hiphophart gehad en hebben al reeds flink samengewerkt met Odd Future en Tyler, The Creator maar ook Ghostface Killah (Wu-Tang Clan) bleek groot fan van ons te zijn. Een eerste samenwerking verliep zo goed dat we al snel een heel album bij elkaar geschreven en opgenomen hadden. De samenwerking, die we Sour Soul doopten, werd dus uiteindelijk ons vierde album. Het was wel grappig om te zien wat voor publiek we trokken met het uitbrengen van dat album omdat heel veel mensen ons juist ontdekt hadden met ons album III, dat dan echt weer een jazz trio album was. Natuurlijk wel met de van ons zo bekende hiphopelementen maar toch anders’.

BadBadNotGood

Hoe hard je als band binnen zes jaar kunt groeien bewijst IV (even ter verduidelijking: IV is dan wel het vijfde album maar de samenwerking met Ghostface Killah zien ze echt als een ander album) eens te meer. ‘We hebben allemaal een enorme platencollectie’ zo vertelt Hansen verder. ‘ We zijn allemaal muzikale veelvreters en proberen de muziek die we net ontdekt hebben ook gelijk in onze eigen composities te verwerken. En dan ook nog zodat het naturel klinkt, niet ingestudeerd. Daarnaast is Leland (Whitty) nu echt tot de band toegetreden, nadat hij op II reeds als gast aanwezig was en hij ook vele optredens met ons heeft gedaan over de jaren. Fantastisch om zo’n multi-instrumentalist (hij speelt iets van 15 instrumenten. Red.) in de band erbij te hebben. En ook hij kwam natuurlijk weer met zijn eigen muzikale invloeden waardoor de sound van IV nog weer diverser is dan onze voorgaande albums. Met het grote succes van III kregen we zo’n inspiratie boost dat we bergen songideeën opnamen. Veel van de songs die je op IV hoort waren eerst instrumentals. Met het ontmoeten van zoveel belangwekkende muzikanten op alle festivals waar we speelden, leek het ons een goed plan om gastzangers uit te nodigen en die instrumentals om te bouwen tot echte songs. Wat nog een behoorlijk grote klus was trouwens. Maar we zijn erg blij met de songs die we nu met Sam Herring (Future Islands), Kaytranada en Mick Jenkins, al dat meer rap dan zang natuurlijk, opgenomen hebben.

‘Met Sam kwamen we in contact omdat we werden gevraagd een remix te maken van de Future Islands-track Seasons en zij waren daar dolblij mee. Sam nam vervolgens contact met ons op en we hebben in de studio een geweldige tijd gehad om Times Moves Slow op te nemen. In Your Eyes, die we opnamen met Charlotte Day Wilson, was de grootste klus trouwens. Daar wilden we echt zo’n rijk aan Arthur Verocai herinnerent arrangement voor hebben. We zijn allemaal suckers voor die oude Braziliaanse platen die er in de jaren zestig en zeventig uitkwamen. Het gelijknamige (solo)debuut van arrangeur Arthur Verocai uit 1972 is echt volmaakt en een ongelooflijke inspiratiebron. De sound van zijn arrangementen zijn zo rijk aan klank en kleur dat ze vrijwel alles wat er in die tijd aan arrangementen werd gemaakt in de schaduw zet. De plaat tikt nog niet eens een half uur maar is meesterlijk en definieert de exact juiste elementen uit die zo rijke Braziliaanse muziekhistorie. Natuurlijk durven we niet te zeggen dat we erin geslaagd zijn Verocai’s klasse ook te hebben maar met de sound en sfeer zijn we superblij. Ook Structure No.3 en albumafsluiter Cashmere hebben zijn sound optimaal in gedachten’.

Dat ze maar heel weinig tijd hebben om albums op te nemen en ook nog de wereld over te trekken om concerten te geven lijkt bij hen geen probleem. ‘Het allerfijnste was dat we alle gasten voor ons album ook echt in onze studio konden verwelkomen, vertelt Chester verder. ‘In deze drukke tijden waarin muzikanten om nog wat geld te verdienen vrijwel continu op tour zijn was dat een geweldige ervaring en het werkte optimaal mee aan het creatieve proces. Vooral ook omdat, zoals ik reeds eerder zei, de muziek er wel was maar de zanglijnen nog niet. Dat gebeurde dus on the spot in de studio. Voor ons een geheel nieuwe manier van werken dus. Met gastmuzikanten spelen was dan weer wat anders. Wij wilden dolgraag met saxofonist (en zoveel meer) Colin Stetson spelen en hij bleek fan van ons te zijn. Het schrijven, spelen en opnemen van Confessions Pt.II (een soort van extremer vervolg op Confessions van III) was een fijne uitdaging vooral omdat die track zo lekker uit de bocht vliegt. Colin is een absolute held en we vonden het helemaal te gek met hem op te nemen. Hopelijk gaan we in de toekomst meer met hem doen. Omdat dit ons eerste BBN-album was met gastzangers een volledig nieuwe ervaring. Maar ja onze eerste twee albums stonden net zo hard in het teken van het bewerken van stukken van anderen en pas op III waren het alleen eigen composities, dus zo groeien we als band ook optimaal door’.