Antonio Carlos Jobim; Godlike genius van de bossa nova (1/3)
Door op 08 juli 2014

Deze zomer brengt Written in Music een langdurende special over de bossa nova, naast de samba de meest populaire muziek uit Brazilië. Uit welke culturele en sociale voedingsbodem ontstond bossa nova en welke songschrijvers en muzikanten maakten deze opvallende muziekstroming van de laat jaren 50 wereldberoemd? Deze week in deel 3: Antonio Carlos Jobim

Antonio Carlos JobimAls er een naam is die met bossa nova wordt geassocieerd is het natuurlijk Antonio Carlos (Tom) Jobim. Samen met Vinicius deMoraes, die de teksten schreef, legde hij de basis voor de lome en sfeerrijke muziekstroming die de wereld vanaf begin jaren 60 hartstochtelijk veroverde: Bossa nova.

Jobim werd hartje zomer, op 25 januari 1927, in de wijk Tijuca in Rio de Janeiro geboren als Antonio Carlos Brasileiro de Almeida Jobim. Tijuca ligt, vanaf de kust gelegen, achter de bergen, tussen de vele favela’s in, waar heden te dage het grote Maracana-stadion dichtbij in de buurt ligt, een van de grootste voetbalstadions ter wereld. Jobim groeide op als een muzikaal kind die piano en gitaar leerde spelen, maar studeerde om architect te worden. Jobim’s grote voorbeeld was Oscar Niemeyer, de vermaarde Braziliaanse architect, geboren in 1907 en die gedurende de jeugd van Jobim, revolutionaire ontwerpen maakte in het Braziliaanse Belo Horizonte en São Paulo. Daarnaast ontwierp Niemeyer in New York onder meer het gebouw voor de Verenigde Naties en hielp hij, als belangrijkste architect, mee om de nieuwe hoofdstad Brasilia te ontwerpen en te bouwen. Gedreven door muziek besluit Jobim, op 20 jarige leeftijd, zijn opleiding te laten voor wat het is en geheel voor de muziek te kiezen. Zijn liefde voor zowel de klassieke muziek van Debussy en Ravel; de jazz van mannen als Chet Baker en Gerry Mulligan en de samba van zijn thuisland blijken de voornaamste invloeden te zijn. Een andere grote invloed is de legendarische Braziliaanse componist en muzikant Villa Lobos die vanaf de jaren 30 een grote carrière begon.

Antonio Carlos JobimJobim start als pianist en maakt als begeleider van de zanger Bill Farr zijn eerste opnamen op 27 jarige leeftijd met zijn Tom And His Band. Twee jaar later ontmoet hij Vinicius de Moraes, een tekstdichter en diplomaat voor de regering, om de muziek te schrijven voor het toneelstuk Orfeu da Conceição. Het blijkt de start van een wonderlijke maar bijzondere samenwerking. Jobim wordt voor het project ingehuurd door platenlabel en studio Odeon. De songs die ze schrijven blijken een groot succes, vooral Se Todos Fossem Iguais A Você. Als het toneelstuk enkele jaren later ook een Franse filmversie krijgt besluit de regisseur Sacha Gordine dat alle muziek die in het toneelstuk zit niet te gebruiken. Hij vraagt Jobim en deMoraes om nieuwe songs te schrijven, omdat de sfeer van de muziek hem wel bevalt. Omdat in de tijd van het maken van de film, die de titel Black Orpheus meekrijgt, deMoraes door de regering (buitenlandse zaken) is uitgezonden naar Montevideo (Uruguay) schrijft Jobim nieuwe muziek en laat deze over de telefoon aan deMoraes horen zodat deze er teksten op kan gaan maken. Een vooral voor die tijd (we spreken over ‘57/’58) tijdrovende en vreselijk lastige klus die uiteindelijk toch 3 Jobim/deMoraes songs tot gevolg heeft. A Felicidade, Frevo en O Nosso Amor blijken wederom zeer succesvol.

Ondertussen is Jobim druk bezig met het schrijven van nieuwe songs en teksten schrijven blijkt voor hem niet weggelegd. Jobim en deMoraes hebben ondertussen de uit Bahia afkomstige zanger gitarist João Gilberto bereid gevonden om een song van ze op te nemen. Gilberto heeft jaren in orkesten en bands voornamelijk traditionele Latijns-Amerikaanse songs gezongen en heeft zich voor een tweede keer naar Rio verplaatst om daar een solo carrière van de grond te krijgen. Hij ontmoet daar via gezamenlijke vriend Roberto Menascal, een andere zeer getalenteerde componist, op een feestje van gitarist/songschrijver Nara Leao, de fotograaf die alle hoezen voor het Odeon label maakt en deze stelt hem, verrast door het muzikale talent van Gilberto, voor eens te gaan praten met een jonge nieuwe componist genaamd Tom Jobim. Als Jobim en deMoraes Gilberto ontmoeten weten ze dat ze de juiste man voor hun songs hebben gevonden. Hij gaat gelijk met zangeres Elizeth Cardoso de studio in om haar te helpen het album Canção do Amor Demais op te nemen. Een album vol songs die Jobim en deMoraes net hebben geschreven. Het album blijkt de basis voor de bossa nova te zijn, al wordt in de geschiedenis de eerste Gilberto single, het door Jobim en deMoraes geschreven Chega de Saudade uit 1958 als allereerste echte bossa single gezien. Met de tweede Gilberto single Desafinado krijgt het genre uiteindelijk zijn naam bossa nova, nieuwe golf of nieuwe stroming.

De jaren 1959 en 1960 staan voor Jobim en deMoraes vervolgens helemaal in het teken om songs voor João Gilberto te schrijven. Met het schrijven van de vele songs voor de eerste drie albums van Gilberto leggen ze tevens hun kenmerkende sound en stijl neer. De eerste drie João Gilberto albums Chega de Saudade (‘59), O Amor O Sorriso e a Flor (‘60) en João Gilberto (‘61) zijn daarmee absolute klassiekers te noemen. Door de belangrijke samenwerking tussen de 3 mannen wordt Gilberto, terecht, in een moeite door mede grondlegger van de bossa nova genoemd. Met songs als Outra Vez, Corcovado en Insensatez leggen ze hun klasse optimaal vast. Ook het zeer populaire Samba de Uma Nota So (One One Samba), geschreven door Jobim en Newton Mendonça, is op die albums te vinden. Ook werden er songs geschreven en opgenomen met de Braziliaanse ster Sylvinha Telles. En rond diezelfde tijd verscheen dan ook de eerder genoemde soundtrack van de film Black Orpheus.

Lees in deze langdurende special over de bossa nova verder in deel 2 van dit hoofdstuk: Antonio Carlos Jobim; Godlike genius van de bossa nova.