The House of Love: neergang en wederopstanding
Door op 25 mei 2016

The House of LoveOp 26 mei speelt The House of Love in Paradiso. Een kleine dertig jaar na hun eerste optreden in Nederland is de legendarische Britse indierockband terug voor een eenmalig optreden op het Europese vasteland. The House of Love was na het heengaan van The Smiths en voor de opmars van Stone Roses, de band waar velen hun hoop op gevestigd hadden. Die verwachtingen werden ook ingelost. Tussen 1987 en 1991 piekte de band met twee klassieke albums en memorabele singles als Christine, Shine On, Destroy The Heart en The Beatles & The Stones. Uiteindelijk bracht de band zes albums uit. De laatste plaat verscheen vrij recent, in 2013. Tijd om de geschiedenis van The House of Love nog eens uit de doeken te doen. Dit is deel 3 van deze serie.

1991 was een stil jaar voor The House of Love. Terry Bickers was definitief weg bij de band en het bleek voor de overige vier bandleden eigenlijk niet meer mogelijk enig momentum te creëren. De verzamelaar A Spy In The House Of Love die eind 1990 uitkwam en die bestond uit b-kantjes en ‘restmateriaal’ deed niet bijster veel en de opnamen voor het derde album verliepen wederom niet vlot. Gitarist Simon Walker werd vervangen door Simon Mawby (ex-Woodentops) en de teller qua kosten liep naar verluidt op naar meer dan twee ton. Opvallend detail was dat ex-bandlid Andrea Heukamp haar medewerking aan het album verleende. Het zou echter niet leiden tot een definitieve terugkeer.

De derde plaat, Babe Rainbow, zag het licht in 1992. Het album werd voorafgegaan door de ronduit wonderschone single Girl With The Loneliest Eyes, een track die ondergesneeuwd raakte in het overzeese en binnenlandse gitaargeweld dat opgeld deed in die tijd. Ook de tweede single van het album, Feel, haalde de hitlijsten niet. Dat was vreemd want deze song combineerde postpunkinvloeden met dromerige, kleurrijke popsferen en had zo op het voorgaande album gekund.

Het leek er toch echt op dat de interesse in The House of Love flink minder was geworden. Zowel het album als de andere singles (You Don’t Understand en Crush Me) verkochten teleurstellend en dat terwijl het meeste materiaal van Babe Rainbow toch helemaal niet slecht was. Een 34ste plek in de album charts kon band noch label tevreden stemmen. Verre van dat.

Het doek valt

1993 zag het vertrek van Simon Mawby zodat Guy Chadwick al het gitaarwerk voor zijn rekening moest nemen. Voor de vierde plaat leek het de band een goed idee om nu eens niet eindeloos in de studio te zitten maar om juist instinctief en snel op te nemen. Zodoende stonden de songs van Audience With The Mind al binnen enkele weken op band. Het mocht niet baten: het album was verreweg de minste van de vier reguliere House Of Love-platen en kon het tij voor de groep dan ook niet keren. Toen ook nog Pete Evans aankondigde de muziekindustrie te willen verlaten was het gauw bekeken voor de band. Voor Guy Chadwick, die mentaal steeds verder afgleed, was het inmiddels de hoogste tijd geworden schoon schip te maken. Ook hij verliet de muziekindustrie, al zou er in 1997 nog wel een eenmalige soloplaat van hem uitkomen. Het was echter zijn uit de hand gelopen hobby van timmerman die hem meer bevrediging schonk.

The House of Love_Pas tien jaar later zou de wereld weer wat horen van The House of Love. In 2003 stonden Terry Bickers, Guy Chadwick en Pete Evans weer samen in de studio. Op Chris Groothuizen na – hij werd vervangen door Matt Jury – was de klassieke bezetting weer compleet. Deze bijna volmaakte reünie kwam mede tot stand door aandringen van Mick Griffiths, voormalig agent van de band. Het resultaat was het album Days Run Away. De hoes van de plaat deed oude tijden herleven. Wat de frictie tussen Chadwick en Bickers betrof herleefden oude tijden eveneens, zij het dat het nergens uit de hand liep. Toch, waar Bickers rustig wilde evolueren wenste Chadwick veel steviger door te pakken. De reünieplaat was niet slecht maar de subtiel jagende single Gotta Be That Way was een van de weinige memorabele tracks. Days Run Away, uitgebracht door V2, kon dan ook geen opleving van The House of Love bewerkstelligen.

Pas in 2013 konden Bickers en Chadwick weer enigszins relaxed samenwerken, hoewel karakterbotsingen wederom niet uitbleven. Het leverde zowaar weer een nieuwe plaat op, het bij Cherry Red uitgebrachte She Paints Words In Red. Deze plaat betekende absoluut een stap vooruit, iets wat met de mooie uptempo openingstrack A Baby Got Back On Its Feet al snel duidelijk werd. Deze keer bleef de band wel bijeen voor optredens en in 2014 bracht Cherry Red het album Live At The Lexington uit. De belangstelling voor de band leek vanaf eind 2013 groter dan in 1993 en 2005. Een goed moment derhalve om het concertpubliek weer vaker op te zoeken. Gelukkig dat The House of Love daarbij Nederland niet overslaat en op 26 mei naar Paradiso komt voor een exclusief concert.

Lees meer:

The House of Love: de snelle opmars naar succes

The House of Love: victorie en chaos

Written in Music interview met Guy Chadwick

The House of Love – The House of Love (1988)

The House of Love – The House of Love (1990)