Mooie en verrassende zon/slotdag van ITGWO
Door op 08 september 2016

Gig_title: Mooie en verrassende zon/slotdag van ITGWO
Genre: Alternative, Roots
Loc_venue: Into The Great Wide Open
Loc_city: Vlieland
Loc_country: Nederland

Zondag, op de weg van het dorp naar het bos en de podia viel ineens op dat er al heel veel mensen de boot pakten op weg naar huis. Veel te vroeg natuurlijk. Dat dit geen fijne beslissing was bewees gelijk al The Slow Show die het grote Sportveld Podium mocht openen. Ondanks het vroege tijdstip klonk de sfeervolle nachtmuziek van de band opbeurend. Met een geweldig geluid ook.

De band trad vorig jaar al onverwacht op ITGWO op. Op het podium dat toen nog op de Fortweg lag. Nu wilde de band uit Manchester maar wat graag de zondag openen en ze deden dat met verve. Openend met Dresden (van hun onvolprezen debuut album White Music), kwam de sound van de band, met de fraaie bariton van zanger Rob Goodwin en de laag over laag opbouwende spanning die elke song kent als basis, tot grote bloei. Dat de regen af en toe met bakken uit de hemel kwam deed de band uit Manchester (‘Everywhere we go It Rains. Is That Manchester Disease?’) alleen maar beter spelen. Met handenvol fraaie songs speelden ze eerder deze zomer ook al Best Kept Secret plat. Vlieland sloot zich daar op aan.

Zondag ook maar eens flink de tijd genomen het grote veld eens goed te bekijken. Met zijn talloze restaurants en drinkgelegenheden ook veel beter voor elkaar als vorig jaar. De fijne platen/boekenwinkel verdiende ook even wat kijktijd en voor we het wisten, en we doorhadden dat het door ons zo geliefde Palace al bijna afgelopen was, stond Douwe Bob op het grote podium. IJzersterke opening met Douwe Bob alleen frontaal op het podium waarbij de band langzaam opkwam en vervolgens in de volgende song voluit kon gaan. Met ook alweer een prachtgeluid brachten Douwe Bob en zijn meesterlijke muzikanten een strakke show vol popsongs met country en rock elementen. Met de Eurovisie songfestival hit Slow Down zochten wij alvast het volgende podium op en toen we op de achtergrond de wat voorspelbaarder, tegen honky tonk aanhangende, songs voorbij horden komen wisten we dat we een goede keuze hadden gemaakt. Douwe Bob heeft absoluut veel talent en zijn band is geweldig. Nu nog dat album maken dat alles definieert.

Heel wat rauwer en ongepolijster ging het er vervolgens aan toe op De Open Plek, dat fijne podium gelegen in het bos. De Amerikaanse Ben Miller Band trok daar even een onvervalste bak country meets blues uit de kast zoals je maar heel weinig hoort. De band, drie mannen en een vrouw, die naast gitaar, drums, banjo en viool ook een wasbord, een microfoon gemaakt van een oude telefoonhoorn, een set elektrische eetlepels en een éénsnarige bas bestaand uit een oude ijzeren waston, een stok en draad uit een grastrimmer heeft knalde er met energieke sound volledig overheen. Heerlijk zo’n band met zoveel muzikale kwaliteit, zowel op zang als op hun instrumenten, die met zoveel enthousiasme het publiek weet te overtuigen. Reeds halverwege de set hadden ze het publiek al volledig in hun zak. Toen de zon vervolgens doorbrak kon het feest helemaal gaan beginnen en de band speelde op lekker gedreven tempo door. Het publiek werd overrompeld. Ben Miller Band was die fijn onverwachte band die gelijk duidelijk maakte een absolute aanwinst voor de clubs te zijn om eens een heel goed feest te bouwen.

Van een heel ander niveau was daarna Baloji & L’Orchestre De La KatubaRag die met een fraai uitdagend Afrikaanse geluid het publiek op het Sportveld in grote getalen bij elkaar hield. De warme klanken van de band, met vaak fijn repeterend gitaarwerk, en subtiel in opbouw maakten er een mooie feest van. De warme Franse taal helpt daar natuurlijk uitstekend bij.

Veel ogen waren daarna natuurlijk ook gevestigd op het Amerikaanse Whitney dat met hun aanstekelijke debuutalbum Light Upon The Lake, vlak voor de zomer uitgebracht, flink wat indruk maakte. Maar de band was aan het einde van de tour en had er niet echt puf in. Vooral zanger Julien Ehrlich die als drummer ook nog eens voorop het podium zat had bepaald niet de geest. Zijn zang klonk vlak, zijn drummen was af en toe zelfs niet goed. De tongzoen met de bassist van de band, een gimmick die de band was vooruit gesneld, kwam niet tot zijn recht. Hoe sterk songs als No Woman en Golden Days ook zijn, op de zondag klonken ze vlak en zielloos. In ieder geval weinig boeiend.

Dan klonk het Britse Rag ‘n’ Bone man flink wat beter. Imposant bandgeluid en die stem van voorman Rory Graham maakt gelijk wel heel erg veel indruk. Vol soul en blues maar net zo goed schurend, een erg fijne combinatie. Dat het repertoire op het duur wat slijtage vertoont zij hun vergeven en dat de band het geluid soms wel heel erg dicht plamuurt ook. Laat deze band maar doorgroeien en te hopen is vooral dat de band gaat snappen hoe belangrijk Graham voor de band is. Dan plakken ze de sound vast niet meer zoveel dicht.