Micah P. Hinsons’ moderne folkopera brengt zielenrust
Door op 12 oktober 2017

Artiest: Micah P Hinson
Gig_title: Micah P. Hinsons' moderne folkopera brengt zielenrust
Genre: Alternative
Loc_venue: Arenberg
Loc_city: Antwerpen
Loc_country: Belgie

Micah P. Hinson bracht zonet zijn nieuw album And The Holy Strangers uit. Reden genoeg om na te gaan of zijn moderne folkopera ook live overeind zou blijven.

Zodoende trokken we naar de Antwerpse Arenberg waar we eerst een set van Bony King Of Nowhere voor de kiezen kregen. Bram Vanparys tourt dezer dagen solo rond met het materiaal uit zijn meest recente album, maar voor dit optreden kreeg de singer-songwriter ondersteuning van zijn vriend en collega Gert-Jan Van Hellemont (Douglas Firs) die zowel elektrische gitaar, toetsen als pedal steel speelde. Samen brachten ze al veel nieuw werk uit een nog te verschijnen Bony King album, al kwamen er ook een aantal oude pareltjes aan te pas, zoals onder meer door spaarzame, uitgepuurde gitaartokkels gekenmerkte Traveling Man waarin je de tijdloosheid van een Leonard Cohen ontwaarde. Naar het einde toe noteerden we ook een prachtig mooi Got To Let You Know waarmee Vanparys en Van Hellemont de meerwaarde van hun samenwerking in de verf zetten. Erg geslaagd voorprogramma.

De Texaanse songtroubadour Micah P. Hinson woont dan wel in Chikasaw, echt trots op het land waar hij woont is hij niet. Hij draagt, zoals zijn outfit onder meer duidelijk maakt, nog steeds de tekenen van overlevingsdrang. Het leven waarin drank, drugs, vrouwen en dakloosheid een erg belangrijke rol spelen ligt gelukkig achter hem. Tegenwoordig is hij gewoon gelukkig met het tijdelijke tourleven, om vervolgens terug te kunnen keren naar zijn geliefde Ashley Bryn Gregory en zijn kinderen in Chikasaw.

Wat meteen opviel aan Hinson was zijn excentriciteit. Of hij nu net voor de aanvang van het optreden nog gauw een sigaretje wilde roken of de manier waarop hij na twee nummers al om water vroeg om vervolgens twéé kloeke glazen water (en later nog een derde) achterover te slaan als leek het whiskey, ze maakten duidelijk dat Hinson zich wat speciaal door het leven beweegt.

Net als voorprogramma Boney King had Hinson eigenlijk niet gek veel meer nodig dan een enkele akoestisch versterkte gitaar waarmee hij hoofdzakelijk liedjes bracht uit zijn meest recente album And The Holy Strangers, een ‘moderne folkopera’ over een koppel in oorlogstijden die ruim twee jaar in beslag nam om te maken. In die nieuwe liedjes, nummers met diépte, hoorde je als vanouds invloeden van grote songbarden als Dylan, Cohen en Johnny Cash, maar ook de geest van Bonnie Prince Billy, de eenzame geluiden van Giant Sand en de tristesse van Mark Linkous (Sparklehorse) maken deel uit van zijn muzikaal DNA. Het leverde een erg zwaarmoedig en sober concert op dat de luisteraars dik bij het nekvel pakte.

Hinson mikte op drama en emotie. Een enkele spot op het podium en een zanger die zijn diepste zieloerselen naar boven haalt. Hinson is overigens niet echt een zanger, dan wel een rasverteller. En dat merkte je ook. Centraal stonden de vaak gitzwarte liedjes, niet zozeer de zanger die ze uitvoerde. Zo liet hij bijvoorbeeld het handvol instrumentals op zijn nieuw album maar voor wat ze waren en diepte hij in ruil een paar nummers uit zijn back catalogue op (onder meer Everlasting Arms en The Fire Came Up To My Knees). En tussendoor onderhield hij het publiek met droge humor, onder meer over het leven in Chikasaw maar ook over muzieklabels en moderne technologie (spotify). Al diende zeker ook gezegd dat Hinsons’ uitleg niet altijd even rechtlijnig was. Wat het concert in wezen dan weer wel was, want Hinson wilde de chronologie van zijn zelf geconcipieerde verhaal natuurlijk behouden : zo liet hij de op plaat uiterst beklijvende zeveneneenhalf minuten durende spoken word van Micah Book One maar zo, maar niet zonder de kern ervan op te rakelen. En als hij daarom ook soms een lied opnieuw diende in te zetten (oeps, vergissinkje), dan gebeurde dat gewoon.

De excentrieke Hinson staat synoniem voor een al te zelden gehoord vakmanschap. Soms fluisterde hij zachtjes zoals tijdens het huiveringwekkend mooie Oh Spaceman, een wat vreemd liedje over de communicatie met zijn kinderen, om wat later zijn diepe baritonstem aan het werk te zetten.

In zijn modern day folkopera gaat het onder meer over leven, liefde (het stevig naar Elvis en Cash knikkende Lover’s Lane – het begin van de liefde), dood (The Memorial Day Massacre) en alles daartussen (de trage country van The Great Void of het hartverscheurende The Lady From Abilene). De rijkheid van emoties die hij bespeelde was bijzonder groot (onder meer het quasi depressieve The Last Song), al was misschien wel de grootste ontdekking dat zijn veertien songs tellende opera eigenlijk meer te interpreteren was als een wel erg strenge selectie van een nog breder verhaal en concept. Zo liet hij verstaan dat het originele album maar liefst dubbel zo lang was. Dat achtentwintig songs tellende album zou alsnog gaan verschijnen, op dubbel vinyl als digitale download.

Een erg dankbare Hinson speelde tijdens het concert nog enkele onuitgegeven stukken (o.a. een stuk dat Hinson absoluut op het album wilde, maar waar hij geen toestemming van zijn label voor kreeg. Hinsons’ wat cynische reactie: ‘I’d understand it, if it were Columbia Records’) en besloot zijn concert, net zoals het album, met een fraai Come By Here.

Bij het naar buiten gaan zagen we hem nog een pint van een fan afslaan, nadat hij een setlist signeerde. Erg bijzondere man, die Micah P Hinson.